Home   Wie zin wij   Over de auto   De landen   Alpine planten   Het geslacht Dionysia   Reisdagboek   Reisfotos   Links

 

Augustus 2003

1 Aug.03

Vandaag blijven we in het dal van Ihlara. Het is een warme dag met veel zon en temperaturen van 30ºC. Na het ontbijt vertrekken we voor een wandeling door de canyon. Na een dik uur lopen langs de rivier komen we in het dorpje Belisirma. Bij de brede rivier zijn overal restaurantjes met terrasjes. De stoelen staan vlak aan, en sommige zelfs in de rivier. We nemen een kijkje in een van de vele kerkjes die in de canyon zijn. De fresco’s zijn zwaar beschadigd, met stokken zijn de gezichten eruit gestoken. Dit is door de Turken gedaan omdat afbeeldingen van gezichten volgens het Moslimgeloof verboden zijn. We stuiten op een loket waar je een ticket moet kopen als je verder de canyon in wil. We draaien om omdat we niet willen betalen om te mogen wandelen. Bij de hoofdingang in Ihlara daal je af via een steile trap en daar moest in 1997 ook al entree betaald worden. Na een dikke 2 uur lopen zijn we terug bij de auto. Ik doe de was die we te drogen hangen tussen de wilgen. Het blijft verder vrij rustig met af en toe een wandelaar. Als het in de avond wat afkoelt wandelen we naar een zijkloof, niet ver van de auto. Er is een waterval waar we een ijskoude douche nemen. Op de terugweg lopen we hoog boven de rivier met mooi uitzicht op de canyon en de steile rotswanden. De muggen laten ons tegen de avond geen seconde met rust. De wind is weg gevallen en als het buitenlichtje aan gaat zwermt een grote wolk met kleine vliegjes om het licht. We maken geen licht aan in de auto om zo min mogelijk insecten binnen te krijgen. Het blijft ook in de avond een heerlijke temperatuur om buiten te zitten. Voor het slapen gaan worden de horren geplaatst. Het is een heldere nacht vol sterren en geluiden van nachtdieren.

2 Aug.03

We moesten vannacht de koelkast uitzetten, er was niet voldoende stroom en dan slaat hij steeds aan en uit. Er gaat ook een waarschuwingslampje branden. Verder was er toch nog een mug in de auto die me verschillende malen gestoken heeft en in de ochtend met een lijf vol bloed tegen de binnenkant van de hor zat te wachten om eruit te kunnen om eieren te gaan leggen. Daar heb ik dus even een stokje voor gestoken! Het is opnieuw een heldere ochtend met een strakblauwe lucht en 21ºC. Na het ontbijt vertrekken we naar de vulkaan Hasan. We rijden via het smalle pad langs de rivier terug naar Selime om vandaar af eerst naar Ihlara te rijden. Daar kopen we wat te drinken in een winkeltje en betalen veel te veel . Het toerisme wordt uitgebuit en de prijzen zijn het dubbele. We rijden naar Helvadere, een dorpje aan de voet van de vulkaan met een enorme moskee die met zijn zilveren koepel licht te schitteren in de zon. Vanuit dit dorp zoeken we een mogelijkheid om verder omhoog te rijden. We zijn er vaker geweest en vinden het smalle weggetje omhoog naar een bosrijk gebied met een picknickpark met waterplaatsen en picknicktafels in de schaduw. We drinken er koffie en rijden via een pad verder naar de vulkaan tot op 1800m. hoogte. Vanaf daar is het mogelijk om lopend de vulkaan op te gaan. Via een 12 uur durende wandeling kun je naar het kratermeer. Het is te laat en te warm om deze wandeling te doen. Er is geen schaduw en we besluiten om terug te rijden naar het picknickpark op 1725m.hoogte. In de loop van de middag wordt het druk met families die allemaal komen picknicken. Je ziet zo nu en dan de duurste merken en type auto’s langs rijden van buitenlandse Turken die hier op vakantie zijn. De auto is hier een statussymbool en ze dromen er van om met een peperdure auto rond te rijden in hun geboorteplaats met de radio keihard aan. We brengen de dag door met wat in de schaduw zitten en te luisteren naar de Wereldomroep. In de avond zoeken we een afgelegen plekje op het terrein en maken een kampvuur. Ook hier laten de muggen ons niet met rust terwijl er geen druppel water in dit droge gebied is! We zien de vulkaan Hasan helder en erg dichtbij. Gelukkig koelt het flink af en dat is erg prettig slapen.

3 Aug.03

We hebben toch last gehad van muggen die zich ergens hadden verstopt en zodra we in bed lagen tevoorschijn kwamen. We staan op voor de zon boven de bergrand op komt en ontbijten in de schaduw. Er lopen om 6.30 uur al trimmers rond te spartelen, wel erg vroeg voor de Zondagochtend! We vertrekken en rijden terug naar Helvadere en Ihlara. We tanken onderweg water bij een van de vele bronnen. De huizen zijn erg groot en opvallend van kleur. Sommige huizen hebben wel 6 verschillende kleuren, uiteenlopend van fel geel, paars en roze tot de pastelkleuren zeegroen, zacht blauw en lila. In Ihlara ligt de indrukwekkende canon die diep in het landschap ligt verscholen. Via een trap kun je afdalen om een wandeling door de canon te maken. Wij hebben deze wandeling al 2 keer gemaakt en rijden door naar Guzelyurt. We nemen even een kijkje bij het Hotel, een oud klooster met zicht op de vulkaan Hasan, waar we in 1997 samen met vrienden hebben overnacht. We nemen de weg naar Nigde en gaan bij het kerkje KizilKilise langs. Het kerkje staat op een mooie plek in het vulkanisch gebergte. Er zijn enkele mensen bezig met de voorbereidingen voor de restauratie van het kerkje,dit wordt door Fransen gefinancierd. We rijden verder naar Ciftlik en gaan rechtdoor langs het Murtaza stuwmeertje via een smalle weg die slingert omhoog naar het volgende stuwmeer Gebere. We komen op 2100m. hoogte en komen veel bloeiende Acantholimons te zien. Sommige kogels hebben een flinke afmeting en bloeien met donker roze bloemen. Veel planten zijn ook al uitgebloeid en hun zilveren zaden glinsteren in de zon. We hebben op deze hoogte mooi uitzicht op de vulkaan, de omringende bergen en de vlakte bij Nigde. De temperatuur is opgelopen naar 31ºC, maar op 2285m. brengt de wind wat verkoeling, we dalen af naar Tepekoy, het is er met 34ºC warm. Via een stoffig pad voor Nigde slingeren we boven een canyon met een groen dal, een waterval komt zo uit het niets over de rand van de canon gulpen. We komen uit bij een afgedamd meertje. Dit bleek niet het Gebere meer te zijn! We waren te vroeg afgeslagen en vinden verderop het pad naar het stuwmeer. Er zijn eikenbossen en populieren om in de schaduw te staan. Als we arriveren, zien we hoe druk het er is, ieder plekje in de schaduw is bezet met families die hier komen picknicken. Het is te warm om in de zon te staan en overal lopen mensen te schreeuwen en muziek te schetteren. We draaien om en rijden verder naar Nigde en het kerkje Eskigumus. Het kerkje heeft de mooist bewaarde frescos. Hier kunnen we even in de schaduw bijkomen. Het bezichtigen van de kerk stellen we uit, het is te warm om Lex in de auto achter te laten. Het Pozanti gebergte met zijn 2690m. hoge toppen ziet er kaal en droog uit. Er is weinig hoop om ergens een plek te vinden waar we kunnen staan. Alleen in de dalen, waar de rivier stroomt, is het groen maar ook daar zijn mensen aan het picknicken het is tenslotte zondag! We balen vreselijk en proberen het bij een ander stuwmeertje, maar daar is geen schaduw. We rijden via een mooi weggetje door het gebergte en krijgen zicht op het Taurus gebergte. We vinden via een smal pad een plekje aan de rivier met een strook gras waar de auto kan staan. Er zijn geen bomen dus ook geen schaduw, maar we hebben genoeg van het gerij. De hellingen zijn begroeid met Acantholimons en Astragalussen. Verderop is een groene oase en we hebben mooi zicht op het Pozanti gebergte. Met wat wind is het goed uit te houden en we nemen een douche om af te koelen. We wandelen wat rond en luisteren naar de radio. In de avond koelt het flink af en met 22ºC is het goed om te slapen. We hebben geen last van muggen en kunnen zonder de horren slapen. Morgen rijden we terug naar Nigde.

4 Aug.03

Na een goede nacht vertrekken we om 7.45 uur terug naar Nigde om er boodschappen te doen en te internetten. Het is met 24ºC een stuk koeler en zo vroeg is het nog rustig in de stad zodat we in de schaduw kunnen staan. Nigde is gebouwd op 1216m. hoogte en ligt op de vlakte omringt door het gebergte. De stad bezit een interessante moskee, Alaeddin camii, in 1223 gebouwd door de Seljuken en in 1335 gerestaureerd door de Mongolen. De ramen en deuren zijn zeer bijzonder van vorm en hebben mooie motieven waaronder de Davidster. Hierna rijden we door een vruchtbaar dal met fruitgaarden, in oktober is de appeloogst en worden de appels in grote trucks vervoerd. Nu is het tijd voor de pruimen, kersen en abrikozen. Het kerkje dat we wilden bezichtigen houden we voor gezien en rijden de zelfde route verder als we gekomen zijn en vervolgen onze route via een pad van Uckapili naar Camardi. Het is een mooie route die slingert langs de rivier door een groen dal met populieren, wilgen, eiken, fruitbomen en druivenranken. Aan beide zijden van de rivier stijgen de rotsen steil omhoog en hebben zicht op het Taurusgebergte, het gebergte waar we naar onderweg zijn. De 3756m. hoge toppen van het gebergte zijn zo goed als sneeuwvrij. Voor de planten zijn we te laat, maar we willen er heen om te wandelen. We zijn hier 6 jaar geleden al eens in Juni geweest en hadden toen erg slecht weer. Om verder in het gebergte te komen rijden we naar Cukurbag, van daar draaien we het pad in richting de hoogste pieken van het Taurusgebergte. Het gebergte is van licht geel kalkgesteente en hoger zien we wat sneeuw. Op de flanken zijn donkere naaldbossen en hogerop groeien jeneverbesstruiken en coniferen. Het pad gaat eerst een stuk door een breed dal met bronnen en yaylas. Hier staat het eerste basiskamp waar wandelaars kunnen bivakkeren. Er zijn verschillende wandelroutes door het gebergte en onderweg zijn enkele mogelijkheden om te overnachten met je tentje. Er zijn geen bordjes die je de weg wijzen, je moet deels zelf je weg bepalen. Op sommige stukken krijg je hulp van steenmannen die andere wandelaars hebben gemaakt. Verder geeft het boekje Trekking in Turkey, uitgebracht door Lonely Planet een beschrijving van de wandelroutes door de Taurus. Op 2000m. een heel eind voorbij het eerste basiskamp wordt ons kamp. We vinden in een open bos met mooie oude naaldbomen en zicht op de hoogste toppen een prachtige plek. Het is alleen mogelijk om lopend verder te komen. Dit gaan we morgen doen en brengen de rest van de dag door met het genieten van deze mooie plek. Het is 31ºC in de middag en te warm in de zon. Er staan mooie rode Sedums sempervivoides te bloeien en op de stenige bodem staat het vol met Alpine plantjes. Er zijn mensen bezig om de uitgebloeide stengels van de Origanum te verzamelen. Hiervoor struinen ze de steile hellingen af op zoek naar dit sterk ruikende kruid. Twee mannen komen met een zware zak een steile helling af dalen. Als ze beneden zijn zien we tot onze verbazing dat ze sneeuw hebben verzameld! De parkwachters lopen met een karabijn op de schouder langs en hebben ook kruiden verzameld.Op een jong stel na zien we geen wandelaars. In de avond maken we een kampvuur, hoewel de temperatuur aangenaam is doen we dit voor de gezelligheid! De vliegen zijn vreselijk, ze komen gelukkig niet in de auto. Als de avond valt komen de nachtgeluiden. Nachtzwaluwen, uilen en een hoge fluittoon. Het zijn geluiden die we inmiddels goed kennen.

5 Aug.03

Als we wakker zijn schijnt de zon al en de lucht is helder. Na het ontbijt maken we een rugzak gereed voor een wandeling in het Ala Daglar gebergte, het oostelijke deel van de Taurus. Het is een mooie maar warme tocht die over een pas naar een bron gaat. Het eerste gedeelte gaat geleidelijk omhoog door een breed dal. Daarna gaat het er een stuk zwaarder aan toe en moet er flink gestegen worden via een ruw en rotsig terrein met rondom het schitterende uitzicht over het gebergte. De wandeling is redelijk lastig door het losse gesteente dat onder je voeten rolt en het moeilijk maakt je voeten recht te zetten. De alpine begroeiing is voor een groot deel uitgebloeid, maar we vinden toch nog mooie bloeiende Acontholimons en Astragalussoorten. Verder bloeiende Euphorbia, Potentilla en Hypericum. De hellingen staan vol met uitgebloeide Affodillen. We klimmen over de rotsen en komen via een nauwe doorgang op de pas. We horen schaapsbellen en worden door een groep honden tegen gehouden. Ze beschermen de kudde en een van de honden heeft een halsband om met ijzeren pinnen. We willen niet dat er gevochten wordt en wachten op afstand tot de herders de honden bij roepen. Ze luisteren natuurlijk van geen kant! Ik gooi stenen waardoor sommige honden vertrekken, maar als we verder lopen komen ze opnieuw aangestormd. Er is water en smeltsneeuw zodat de kudde hier kan drinken. Het water wordt zo laat in de zomer steeds schaarser waardoor de herders verder de bergen in moeten trekken. Er zijn Yaylas, bergweides waar de schapen kunnen grazen, maar ook die zien er droog en afgegraasd uit. We besluiten om niet verder te lopen en keren via de zelfde route terug. We zijn inmiddels 4 uur onderweg en via een zware afdaling zijn we in 2 uur weer beneden. Ook voor Lex is afdalen zwaar, hij heeft zijn zooltjes en de knokkels van zijn achterpoten kapot geschuurd tijdens de steile afdaling over het ruwe en losse gesteente. Er komt bewolking opzetten die voor een temperatuurdaling zorgt en meer wind. Later in de middag komt een dikke wolk naar beneden die wat voor onweergerommel zorgt, er vallen enkele druppels regen uit bij een temperatuur van 26ºC. De rest van de middag brengen we door met wat rommelen en computerwerk. De kookplaat heeft weer kuren en laat het weer eens af weten, het is niet mogelijk het ding aan de praat te krijgen. Gelukkig kan ik op het gasstelletje koken zodat we geen honger hoeven te lijden, maar de frustratie blijft groot! Er komen verschillende wandelaars langs waarvan een groepje Turkse jongens. Tegen de avond komt een van de jongens om water vragen omdat ze verderop geen water konden vinden. We maken een praatje terwijl we de flessen vullen met gefilterd water. Hij spreekt perfect Engels en heeft in België talen gestudeerd en is ooit in Waalwijk geweest. Hierna vertrekt hij voor donker met zijn voorraad water. De rest van de avond blijft het rustig op de natuurgeluiden na. De sterren verschijnen weer aan de hemel, het is weer helder. We kruipen vroeg in bed, morgen willen we naar de andere kant van het Taurusgebergte.

6 Aug.03

De zon staat al hoog aan de hemel als we opstaan. Gelukkig staan we in de schaduw tussen dichte naaldbomen waardoor het koel blijft. Ik heb last van stijfheid en gewrichtspijnen en heb hierdoor slecht geslapen. Het is het gevolg van de bergwandeling van gister.We vertrekken vandaag naar de andere kant van het Taurusgebergte via een schitterende binnendoor route naar de Kapuzbasi watervallen. We rijden eerst het rotsige pad terug naar Cukurbag en zien tegen de rotsen schitterende Onosma planten, uitgebloeid. Het water in de bron beneden bij het eerste basiskamp is niet schoon, er drijft te veel bezinksel in en we besluiten verder te kijken. We rijden naar Bademdere over de Kavlaktepe pas en vinden voor de pas een schone bron waar we de tanks kunnen vullen.We kunnen er prima in de schaduw staan zodat Klaas maar weer eens met de kookplaat aan de gang gaat. Er zijn problemen met het gloeien en pompen van de diesel. Hij sloopt de kookplaat eruit en vervangt de bougie door een nieuwe en maakt alles schoon. Na verschillende pogingen wil hij branden maar rookt vreselijk. Dit is nog diesel die overal tussen is gelopen door de keren dat hij niet wilde op starten. Hij functioneert nog niet naar behoren en als we de zekering enkele keren uit en in doen blijkt het probleem weer opgelost. Enkele uren later kunnen we weer verder, de temperatuur is inmiddels weer flink opgelopen en loopt al weer naar de 30ºC. Bij Icmeli slaan we af naar Dikiltas. Een landbouwweggetje slingert door de enorme akkers. De oogst is net achter de rug, maar de loonwerkers zijn er nog. Overal zie je plastic hutjes en tenten waar de familie in leeft tijdens het oogsten. De weg gaat verder door een heuvelachtig gebied naar Dundarli, Cadirkaya en Yahyali. We zien de vulkaan Erciyes opdoemen in het landschap. Zijn 3916m. hoge toppen steken overal bovenuit. We rijden door een breed dal met links de vulkaan en rechts het Taurusgebergte. Ook hier groeien enorme Onosma planten in ruwe kalkrotsen. Buiten Yahyali slingeren we via een schitterende route door het Tahtali gebergte boven de rivier door een dichtbegroeide canyon naar Dikme. We moeten uiteindelijk uitkomen bij de watervallen van Kapuzbasi. We slingeren door het gebergte met steile bergwanden waar de Zamanti rivier met een brede strook platanen zich een weg baant door de rotsen. De temperatuur loopt op naar 34ºC en er staat een harde warme wind, we zoeken een plekje in de schaduw om even bij te komen. Autorijden bij deze temperaturen is niet prettig! Het pad gaat onder de overhangende rotsen waar de auto maar net onderdoor kan verder door de canyon omhoog. De bergwanden worden hoger en op sommige plekken komen bronnen uit de rotsen. Er groeien uitgebloeide Asperula planten tegen de rotsen langs het pad. We vinden tussen de grote naaldbomen en platanen een prachtige plek vlakbij de snelstromende rivier. We zijn ingesloten door de steile bergwanden. De cicaden maken een vreselijk herrie door het aanhoudende getjilp. We komen bij in de schaduw en luisteren naar de wereldomroep. Lex koelt af in de rivier en is hierna vertrokken, het geschud in de auto bij deze temperaturen is geen pretje en erg vermoeiend. We nemen een verkoelende douche en pas laat in de avond koelt het af naar 26ºC. We slapen met de deuren open, er zijn geen muggen en dat is erg prettig.

7 Aug.03

Na een goede nacht vertrekken we na het ontbijt om onze route naar de Kapuzbasi watervallen verder te vervolgen. Via een smal pad door de nauwe canyon volgen we de Dogan rivier die door het gebergte slingert. We rijden onder overhangende rotsen en hebben een schitterend uitzicht in de canyon. Het gebied is ongerept, moeilijk toegankelijk en alleen via paden bereikbaar. Het gebergte is ruig en vrijwel onbewoond en overal ver vandaan. In onze boekjes staat niets vermeld en op de meeste kaarten worden de paden naar de watervallen niet aangegeven. De informatie hebben we van een programma op de Turkse televisie zender. We hebben de naam van de watervallen opgeschreven en hebben 6 jaar geleden al eens een poging gedaan om dit gebied te zoeken, helaas moesten we dit toen staken. Nu hebben we inmiddels gedetailleerde kaarten en hulp van onze GPS en de computer. De watervallen liggen bij het gehuchtje Kapuzbasi en zijn zeer bijzonder omdat het water zo uit de rotsen komt spuiten. Het zijn eigelijk karstbronnen en het water heeft een ijsblauwe kleur en is kristalhelder. Het is een spectaculair gezicht om zoveel water uit de rotsen te zien spuiten. Er zijn wat campingmogelijkheden tussen de bossen en restaurantjes en theehuisjes. We worden met verbazing bekeken en kunnen merken dat ze geen vreemdelingen gewend zijn. Dit gebied houden de Turken voor zich zelf en ze hebben gelijk ook! De kinderen zijn hier in grote aantallen aanwezig en zo te zien hebben de mensen het er niet al te breed. We geven enkele schooiertjes de koeken uit Iran, ze graaien het uit m’n handen en maken dat ze wegkomen.Buiten het gehucht loopt het pad verder en we zien de kale bergtoppen van het Taurusgebergte boven het groene dal uitsteken. We pauzeren aan de Dogan rivier, het is inmiddels weer 33ºC. We willen een doorsteek maken naar het plaatsje Aladag. Een schitterende maar zware route over 2 passen van 2000m. hoogte. Het smalle en steile pad slingert door een ruig en eenzaam gebergte met voldoende mogelijkheden om te staan. Er zijn overal stroompjes en bronnen.Oude naaldbomen, jeneverbesbomen en prachtige vergezichten maken dit gebied zeer aantrekkelijk. Het is te warm en te laat in het jaar om er te blijven. We moeten nodig naar de winkel dus moeten we verder, maar komen hier zeker terug! We eten op de eerste pas, de temperatuur is er wat koeler en kijken hoe een auto in de problemen komt als hij probeert een scherpe bocht omhoog te maken. Op de tweede pas is een groot tentenkamp opgezet waar Turkse families hun vakantie of weekend komen doorbrengen. De bergweides staan vol met zelfgemaakte plastic hutjes en tenten. Het is een hele onderneming om via het pad omhoog te rijden. Het zijn meestal tractors en trucks, maar we zien ook een enkele personenauto! We dalen af naar Aladag, de auto hobbelt en waggelt naar beneden. We zijn moe en het is erg warm. We zien op de vochtige rotsen Pinguiculas in bloei te staan. We vinden via een zijpad een plekje waar we enkele uren kunnen stoppen. Lex rolt zich in het stroompje om wat verkoeling te vinden. Om 17.30 uur rijden we verder naar Aladag, een dorp tussen groene bossen waar we wat te eten en te drinken kunnen kopen. We worden ook hier met verbazing bekeken en worden door een hele kinderschare omringd. Gelukkig worden ze door de volwassenen op een afstandje gehouden en in de winkel worden ze weg gestuurd. Met de nodige drank nemen we de afslag naar Gerdibi. In het bosrijke gebied vinden we een overnachtingplek tussen de bomen met een stroompje. Het is nog steeds erg warm als het donker wordt. We spoelen ons af met het water uit het stroompje en drinken een koele witte wijn bij het eten. De cicaden zwijgen eindelijk als het donker is.

8 Aug.03

Vandaag blijven we tot 18.30 uur staan. Het is te warm om te gaan rijden met 36ºC. We blijven zo veel mogelijk in de schaduw van grote naaldbomen en koelen Lex af en toe met het water uit het stroompje. We brengen de dag door met werken op de computer, lezen, radio luisteren en wat kleren wassen. We zijn van plan om in het Taurus gebergte te blijven en een doorsteek te maken van Aladag naar Pozanti via binnendoor weggetjes en paden. Vanaf Pozanti begint het Bolkar gebergte, een ander deel van de Taurus. Hier ligt de Mededtsiz, de hoogste top van 3585m. Het is een mooi gebergte met enkele bergmeertjes, waaronder het Cin Gölu op een dikke 2500m. hoogte. Na een eenvoudige maaltijd vertrekken we met 32ºC en rijden via paden door kleine gehuchtjes waar de tijd heeft stil gestaan. De huizen zijn eenvoudig en rommelig met een stuk balkon aan gebouwd van hout. Het geeft de mogelijkheid om in de schaduw buiten te kunnen zitten. Er groeien druivenranken en overal staan planten in oude olijfblikken die zorgen voor een oase. Het pad is soms erg smalletjes en erg stoffig en vol kuilen. De mensen bekijken ons vanaf hun balkon en zijn erg verbaasd maar vriendelijk. Het gebied is bergachtig met bossen zover je maar kijken kunt. Lager liggen wat akkers, druivenranken en fruitgaarden. Er zijn veel kinderen in de dorpjes die allemaal zwaaien als we langs rijden. Ze lopen op blote voetjes en hun kleren zijn hard aan vervanging toe. Er wordt veel hout gekapt, overal zie je de stapels hout klaar liggen om vervoerd te worden. We vragen ons af hoe lang er nog gekapt kan worden en wie bepaald hoeveel en waar er gekapt wordt? De kale plekken zijn al goed zichtbaar, dit is het gevolg van het lukraak omzagen van soms zeer oude en dikke bomen. Via een houthakkerspad vinden we net voor donker een plek om te staan.

9 Aug.03

Het was een warme nacht, pas tegen de ochtend koelde het af . Klaas heeft halverwege de nacht een douche genomen in het licht van de maan. We staan op zodra het licht wordt omdat we vroeg willen gaan rijden voor het te warm wordt. Er hangt ochtendmist tussen de bossen en alles voelt klam aan. We vertrekken om 6.30 uur naar Pozanti om er boodschappen te doen voor het weekend. We rijden via paden naar de kruising in Karakuz. De Suzgec Dagi ligt voor ons. We slingeren via een smal pad langs en boven de rivier naar Kamisli en zien 2 gemzen bij de rivier drinken. We kunnen ze mooi gade slaan vanuit de auto en zien hoe ze even later met gemak tegen de steile rotsen omhoog klimmen. Verder staan er verscheidende onbekende plantensoorten tegen de rotsen. Overal zijn opgedroogde watervallen en bruggetjes, het is zeker de moeite waard om hier in het voorjaar eens rond te kijken. Er zijn ook nu nog volop bronnen met vers water en de natuur is erg mooi en ongerept. De naaldbossen scheiden een zwoele, zoete geur af, de lucht is er mee gevuld. We rijden langs steile rotswanden, kloven en ravijnen en zover je kijken kunt dichte bossen met naaldbomen, jeneverbesbomen, coniferen en oude, dikke platanen langs de rivier. We rijden hele tijden in de schaduw zodat het niet te warm is om te rijden. We dalen ten slotte af naar de bewoonde wereld om in Pozanti naar de winkel te kunnen. We hebben hier al zicht op de Bolkar Dagi, het gebergte waar we naar onderweg zijn. We doen inkopen in kleine winkeltjes omdat er geen supermarkt is en rijden terug naar de afslag Horoz , maar daar houd het pad op en moeten eerst terug naar de weg en bij Ciftehan gaan we af naar Madenkoy. Het pad slingert eerst door een groen dal met een snelstromende rivier waar platanen en fruitbomen staan. Het pad gaat vervolgens omhoog en krijgen een schitterend uitzicht over het Bolkar gebergte en het dal. De bevolking is erg vriendelijk en ze groeten allemaal. Het pad gaat naar 2500m. hoogte en geeft een prachtig uitzicht. De bergen zijn kaal, maar als je goed kijkt zie je een grote verscheidenheid aan Alpine planten. Een zeer interessante begroeiing en de moeite waard om er in het voorjaar eens rond te kijken. Vandaag is het niet onze dag dus alles zit tegen. Het is weekend en veel mensen trekken er opuit. Het pad naar het bergmeer is steil en stoffig en wordt druk bereden. Als we er aankomen staan er al heel wat tenten aan het meer. De temperatuur is hier een stuk aangenamer en koeler dan beneden Het laatste stuk moet je lopend afleggen en we zien hoe een familie met zware dozen en tassen via een stijl pad afdalen naar het meer. Omdat we nergens goed kunnen staan vertrekken we weer om een plek te zoeken. Er is weinig begroeiing van bomen, dus ook geen schaduw. De zon is erg sterk en fel op deze hoogte. We dolen rond via stoffige paden maar komen nergens een geschikte plek tegen waar we kunnen staan. We zoeken een doorsteek maar komen ten slotte uit bij een ouder echtpaar die hoog in de bergen een kleine woning hebben met een groentetuin, kippen en een prachtig uitzicht. De man spreekt Frans omdat hij jaren in België heeft gewoond en gewerkt. We worden uitgenodigd om meloen te eten en krijgen bij het afscheid komkommers mee uit eigen tuin. We rijden het pad terug en proberen via andere paden toch verder door het gebergte te komen. Het is inmiddels al laat in de middag als we bij een bron stoppen. Van het idee om er te blijven staan wordt afgezien als de houthakkers met hun gezinnen en muildieren water komen halen en de kinderen komen wassen. Dit betekent wéér rijden en geen plek vinden, dat gaat dus mis! Moe en geïrriteerd stoppen we voor donker aan een pad naar een picknickplek. We zijn het hartstikke beu om de hele dag op paden te hobbelen en nergens iets vinden om te staan. We gaan zonder eten naar bed en zijn het allemaal kots beu. Terwijl het avondrood het Bolkar gebergte een mooie warme gloed geeft zijn wij bezig met ruzie maken.

10 Aug.03

We vertrekken na het ontbijt om 7.00 uur omdat de zon al op de auto staat te branden. We rijden via het pad terug naar de weg van Aktoprak naar Ulukisla en verlaten het Bolkargebergte. De hoofdweg naar Cakmak en Eregli is druk met vrachtverkeer. Voor Karapinar liggen de Kratermeren Aci Göl en Meke Gölu. We besluiten daar heen te gaan om wat bij te komen van al dat paden rijden. Het is helder, zonnig en 29ºC als we bij het Aci kratermeer arriveren. Het meer ligt langs de weg, van waaruit je in de lager liggende krater kunt kijken. Met de auto kun je naar beneden rijden tot aan het kristalheldere water met een hoog zout gehalte.Het is er zeer rustig voor de zondag! We kijken er even rond en rijden hierna naar het ringkratermeer Meketuzlasi. Het ligt 2 km. verder en is te bereiken via een smal weggetje dat afdaalt naar het meer. Het is de derde keer en het blijft altijd mooi om het meer te zien liggen Rond het meer zijn meerder kleine explosiegaten en in het midden van het meer ligt een vulkaankegel. Om op de kegel te komen moet je eerst door het zoute water. Vanaf de kegel en de hoogvlakte aan de randen van de hellingen heb je schitterend uitzicht op het meer en vanaf de kegel kun je in de diepe kratertrechter kijken. Op de rulle as rond de vulkaan groeit een