Juni 2003
1 Juni.03
Als we wakker worden schijnt de zon al op de auto. Er staat nog wel een stevige wind maar het is met 19ºC niet echt koud. We kijken of er al iemand wakker is en zien hoe de tent van de mannen met iedere windvlaag in elkaar stort. De mannen trekken er zich niets van aan en slapen gewoon door. Iedereen komt maar traag opgang en ontbijten in de grote tent van de mannen terwijl een van de mannen nog ligt te slapen. We ruimen op en als iedereen zover is vertrekken we naar Shahrekord. We stoppen onderweg bij een bron vlak bij een Baghtiari tent met een grote kudde. Er lopen 2 kleine puppy’s rond, ze zijn rond en wollig. Er zijn wat kinderen en jonge meisjes bij de bron. Als Klaas een foto maakt begint een van de meisjes vreselijk te keer te gaan. Ze krijst of ze vermoord wordt. Parvim en de mannen praten met haar en leggen uit dat er alleen een foto van de kinderen is gemaakt, maar ze blijft tekeer gaan. Een oudere jongen die de wacht houdt begint te dreigen. We besluiten om te vertrekken omdat we geen zin hebben in al dit gedoe. Het meisje gooit een steen naar Lex! Ze waagt het niet om naar een van ons te gooien. De mannen halen het geweer voor de dag en vuren een schot af als waarschuwing. We vragen waarom het meisje zo kwaad werd. Ze denkt dat er een foto van haar is gemaakt en dat deze foto aan mannen wordt getoond. Als ze haar herkennen wil niemand met haar trouwen! Het lijkt wel of we in de middeleeuwen leven met al deze wilde mensen. We zoeken een plek waar we kunnen stoppen om wat te eten maar er staat zoveel wind dat we besluiten door te rijden naar Shahrekord. De mannen vertrekken direct om te douchen en langs het bedrijf te gaan. Ze komen later in de avond terug om de foto’s te bekijken en afscheid te nemen omdat we morgenochtend willen vertrekken. Mohammed, de vriend van Amir blijft mee eten en vertrekt later met zijn gitaar naar zijn vrouw. We doen wat boodschappen omdat onze koelkast inmiddels leeg is en brengen de rest van de avond door met de 2 mannen, Behram en Heidar en nemen later op de avond afscheid van deze toffe gasten, ze zijn onafscheidelijk en al vanaf de lagere school bevriend. Ze zijn 28 en 31 jaar en willen nog lang niet trouwen. We kijken voor ons vertrek nog even of er nieuwe e mails zijn en nemen hierna afscheid van Amir en Parvim en rijden naar onze overnachtingplek bij de bron net buiten Shahrekord in de bergen. Ik verheug me om morgen te vertrekken naar het Noorden.
2 Juni.03
Het is helder en zonnig als we opstaan. We ontbijten in de auto en vertrekken om 9.15 uur naar het Karkas gebergte. Hier zijn we 3 jaar geleden ook geweest om Abyaneh te bezoeken. Het staat beschreven als een van de mooiste lemen dorpen, grotendeels verlaten. De rode lemen huizen zijn gebouwd tegen de Kuh e Karkas bergen, 3899 m. Het is er in de zomer koel en in de winter erg koud. Er zijn bovengronds en ondergronds bronnen met groene fruitbomen en grote platanen. Het is een oase van rust en schaduw waar de oude huizen met balkons verscholen liggen tussen het groen. Abyaneh wordt zowel door de Iraniër’s als door de reizigers die op weg zijn naar Pakistan bezocht. In het weekend komen bussen vol om hier hun vrije dag door te brengen in het koele dal. We rijden eerst naar Esfahan, onderweg zien we bloeiende Lamium (lamsoren) tegen de droge hellingen. We rijden dwars door Esfahan en ik vang nog net een glimp op van de brug met de 33 bogen, de groen – blauwe koepels van de moskeeën en de torens van de vrijdagmoskee met zijn druk bezochte bazaar en winkeltjes met sieraden van goud en zilver. Met behulp van onze GPS en de computer vinden we de goede weg nar Natanz en Kasan. Op de hoofdweg rijden alleen vrachtauto’s. We verlaten de hoofdweg bij de afslag naar Natanz en Kasan. Het is warm en nevelig op de vlakte met 32ºC. De weg nadert de Dast e Kavir. Het is een enorme zoutvlakte. We slaan voor de zoutvlakte af naar het Karkas gebergte. De weg slingert langs een canyon. We stoppen bij een kleine moskee met een mooie spitse blauwe toren en een begraafplaats. We stoppen er in de schaduw van de bomen om er wat te drinken. Hier zijn we 3 jaar geleden ook gestopt. Alles is nog het zelfde gebleven. Het is er rustig en minder dicht bevolkt. De mensen laten ons met rust en groeten vriendelijk. Hier zie je geen hordes jongeren op de straten slenteren op zoek naar vertier. Door de canyon slingert de rivier door een groen dal. De huizen zijn van leem en gebouwd op de rand van de zandstenen rotsen. We rijden naar een overnachtingplek aan de rivier met enorme platanen. Het is een ruime plek waar we heerlijk kunnen relaxen zonder lastig te worden gevallen.Vlakbij hebben we 3 jaar geleden ook gestaan. We eten buiten in de schaduw en doen de afwas in de rivier. Klaas maakt de mengkraan die is afgebroken. We hadden een grote meloen in de afwasbak gelegd en door het gewicht is het hendeltje van de mengkraan afgebroken. Hij zaagt een stukje aluminium van het zonnepaneel en boort gaatjes in de kraan. Hij monteert het nieuwe hendeltje met schroefjes aan de kraan, nu kunnen we de kraan tenminste weer gebruiken. We luisteren weer eens een keer naar de wereldomroep maar de ontvangst is slecht en zwak. We ontvangen alle talen luid en duidelijk, alleen de Nederlandse omroep is knudde! We kunnen de hele avond buiten zitten en maken een kampvuur als het donker wordt. Morgenochtend willen we Abyaneh bezoeken en hopen er rustig rond te kunnen kijken.
3 Juni.0
We lagen net op bed toen er een auto door de rivier kwam rijden en bij onze auto stopt. Het terrein is in het donker niet bepaald gemakkelijk berijdbaar. Klaas ziet door het dakraam dat het geen politie is dus wachten we af wat er gaat gebeuren. Niemand stapt uit en even later rijdt de auto weer weg en kunnen wij verder slapen. De rest van de nacht blijft het rustig. We staan om 7.00 uur op om op tijd naar het lemen dorp Abyaneh te rijden. De zon schijnt en de lucht is helder, het ziet er een stuk beter uit als gisteren. Na het ontbijt vertrekken we direct om te profiteren van de vroege morgen en de mooie koele kleuren. Op de donkere hellingen bloeien stekelige bolvormige planten met licht en donker paarse bloemen. Verder bolvormige struiken met gele bloemen en donkerrode en oranje klaprozen en Astragalussen met rode bloemen. In Abyaneh is het rustig zonder bezoekers. De rode lemen huizen zijn gebouwd tegen de rotsen om te voor komen dat het dorp in de winter wordt overstroomd. De grond in de vallei is vochtig, de huizen zouden er in de drassige grond weg zakken. De huizen staan allemaal naar het Oosten gericht om zo het maximale aan zon op te vangen. De smalle straatjes zijn een doolhof waar je snel in verdwalen kunt. We hebben Abyaneh 3 jaar geleden ook bezocht en sinds die tijd is er veel restauratie werk gedaan. De mensen zijn er vriendelijk en laten je verder met rust. Ze zijn gewend aan de vele bezoekers die iedere dag naar het dorp komen. De vrouwen dragen korte zwarte rokken met stroken, daaroverheen een bontgekleurde schort met bloem motief. Het lijkt wat op de Zwitserse klederdracht. De mannen hebben bolvormige Mongolische gezichten. De binnenplaats van de kleine moskee is een oase van rust met stromend water, klaterende fonteinen in de schaduw van een dikke wijnrank. Ongestoord kan er rondgekeken worden en voor de drukte op gang komt zijn we weer vertrokken om bij een bron met platanen de dag door te brengen. Er staat een stevige wind maar niet koud met 25ºC. Ik doe de was die in een uur tijd weer droog en schoon in de kast kan. We krijgen bezoek van Christian, een jonge Duitser. Hij reist alleen door Iran en had van de taxi chauffeur gehoord dat wij hier waren. We maken een praatje en als hij Abyaneh heeft bezocht komt hij terug om de rest van de middag met ons door te brengen. Tegen de avond laat hij zich door een taxi naar zijn hotel terug brengen in Kasan, een plaats 40 km. hier vandaan. Het is inmiddels bewolkt en er valt wat regen als we een smal pad verder de bergen in rijden om ons te kunnen douchen. Klaas voelt zich sinds gister niet zo lekker en hij begint zich nu echt beroert te voelen. Hij heeft last van diaree, koorts en heeft koude rillingen. We rijden terug naar de bron om te overnachten. We eten in de auto omdat de wind stevig aanwakkert. Om 21.30 uur liggen we op bed, hopelijk knapt Klaas wat op.
4 Juni.03.
Het was een lange nacht met veel wind en hoge temperaturen. Klaas is er uitgeweest omdat hij misselijk was en last van buikkramp had. Hij heeft koorts en voelt zich in de morgen nog steeds ziek. Hij slikt medicijnen en gebruikt een middel om uitdroging te voorkomen. Hij wil alleen maar liggen, de pijn in zijn spieren en rug is verergerd.Hopelijk zullen de pijnstillers de pijn en de koorts verminderen. We zijn gedwongen om te wachten tot hij zich wat beter gaat voelen. De reden van zijn ziek zijn wijten we aan het besmette eten of drinken. Het is moeilijk te achterhalen waar het van komt! Ik zit sinds gisteren onder de galbulten. Ze jeuken en branden vreselijk maar ik ben gelukkig niet ziek. Het eten van eieren en melkproducten zouden wel eens de oorzaak kunnen zijn! Er zijn al vroeg picknickers op onze overnachtingplek en in korte tijd staat het vol met auto’s en zitten overal mensen te picknicken. Kinderen springen en schreeuwen rond terwijl Klaas in de auto op de grond ziek ligt te zijn. Er staat een kei harde wind en blijven in de auto. Het is vandaag een nationale feestdag, de dood van Khomeini wordt herdacht. Morgen is de herdenking dat Khomeini in 1963 werd gearresteerd. Het zal dus overal wel druk worden! Ik werk wat op de computer en kan verder weinig doen zolang Klaas in de auto op de grond ligt. De zon schijnt maar ik kan nergens uit de wind zitten. We besluiten om verder het pad in te rijden door de wadi om er rustig te kunnen staan. Terwijl Klaas de rest van de dag slapend door brengt zit ik buiten en kan nergens in de schaduw. Het is warm met 28ºC, de zon is erg sterk. Ik kook wat aardappelen zodat Klaas toch iets kan eten. Hij heeft nog altijd last van diaree en geeft over als hij iets eet of drinkt. Als de zon achter de bergen zakt wordt het wat koeler en de bewolking die in de middag is komen opzetten is weer verdwenen. Even later liggen we op bed en hopen dat het morgen wat beter is zodat we verder kunnen.
5 Juni.03
We staan om 7.00
uur op. De zon is nog achter de bergen en het is met 16 ºC nog frisjes. Klaas
moest er vannacht weer uit omdat hij last had van diaree. De koorts is in de
morgen gezakt maar hij voelt zich nog steeds niet goed. Hij krijgt niet meer
dan enkele stukjes brood binnen en van koffie gaat hij zowat over zijn nek!
Het is verstandig om ook vandaag de zakjes met zoutoplossing te gebruiken om
uitdroging te voorkomen zolang hij last heeft van diaree. Het misselijke gevoel
en de koorts zijn verdwenen en we willen proberen naar het Namak meer te rijden.
Het zoutmeer ligt op 765 m . ten westen van de Dast e Kavir woestijn. We laten
Arak schieten, het is te ver uit de richting en de Dionysias zullen inmiddels
uitgebloeid zijn. We rijden terug naar de hoofdweg om via Kasan naar het zoutmeer
te rijden en van daar proberen we verder naar het Noorden te rijden. We kunnen
via deze route ver van Teheran af blijven.We komen een hele stroom met auto’s
tegen, ze zijn afgeladen en ook op het dak ligt de imperiaal vol met picknickspullen.
De nieuwere auto’s hebben vaak nog plastic op de stoelen en de stootblokken
van piepschuim die tijdens het transport zijn bevestigd aan de deuren om beschadigingen
te voorkomen. Ze laten zolang mogelijk het nummer en de codes op de ruit zitten
die tijdens de productie op de ruiten zijn geschreven met stift. Dit alles om
te laten zien dat ze een nieuwe auto rijden, een beetje kinderachtig is het
wel!
De weg naar Kasan slingert door een kaal en droog gebergte in een hete vlakte.
We hebben 3 jaar geleden Kasan en de bekende Fin tuin bezocht. We hebben er
overnacht in een hotel en een moskee bezocht met een schaduwrijke binnenplaats
en een vijver met stromend water. We rijden door naar de afslag die ons naar
het Namak meer moet brengen. Met behulp van de GPS aangesloten aan de computer
volgen we de route die vanaf AranBidgol overgaat in een pad. De temperatuur
loopt snel op en als we verder de zoutvlakte naderen is het met 37ºC behoorlijk
warm. Via een wasbordpiste komen we dicht langs de zandduinen. Hier is het landschap
veranderd in een woestijn. Duizenden sprinkhanen doen zich te goed aan de struiken.
Als er een in de auto terecht komt zien we pas hoe groot ze zijn! De grashalmen
met hun pluimen schitteren als zilver in de zon. De zandduinen staan vol met
deze grassen. Verderop zien we bussen en enkele vrachtwagens. Als we langs rijden
zien we dat er een filmopname bezig is midden in de woestijn en bij deze temperaturen
moet dat ook geen pretje zijn! We naderen de zoutvlakte, een enorme witte vlakte
strekt zich uit zover het oog rijken kan. We komen vrachtauto’s tegen met bergen
zout. We rijden het pad een stuk over het zoutmeer. Er is niet veel water te
zien en het lijkt meer op een bevroren meer.Alleen de temperaturen kloppen niet
en al dat zout is ook niet zo best voor de auto! We volgen de piste rond het
meer en komen tegen14.00 uur uit bij een oude caravanserail. Het gebouw ligt
in een groene oase midden in het lege droge landschap en een grote verassing
als we 2 grote vijvers zien met ganzen, eenden en oude bomen. De serail wordt
gerestaureerd en diende vroeger als tussen stop voor de zijde en handelsroute
van China naar het Westen. Het gebouw lijkt met zijn wachttorens en hoge vestingmuur
op een fort. De bedoeling is om er een Hotel van te maken. Er is een bron die
de bassins op peil houden. Op een van de torens houd een uil de wacht. We worden
door 2 mannen en 4 honden begroet. Het is een heerlijke plek om aan de hitte
te ontsnappen. We relaxen aan het kabbelende water en besluiten hier te blijven
en morgen ochtend verder te rijden.We drinken thee met de mannen aan het water
op een kleed. Het blijft tot in de avond rustig en we kijken hoe de nachtzwaluw
en de vleermuizen komen drinken. We nemen een douche buiten bij de auto en kijken
naar het fonkelen van de sterren in het water. Laat in de avond arriveren een
auto en een motor. Ze vertrekken via de ijzer poort naar de binnenplaats. Het
is nog vrij warm als we gaan slapen en laten de deuren open staan. De honden
liggen rondom de auto en houden de wacht.
6 Juni.03
Om 23.45 uur horen we de bezoekers bij het water muziek maken. Ze dansen, zingen en trommelen in het vage licht. We blijven op bed en luisteren naar het ritme van de trommels. Om 1.45 uur verrekken de mannen naar binnen en is het weer rustig. We staan om 5.45 uur op en vertrekken voor de grootste hitte. Klaas heeft nog steeds last van diaree en eet weinig of niets. Het gaat nu wel erg lang duren en hij voelt zich slap en gammel. Bij vertrek zien we de 4 honden nog een hele poos achter ons aan komen. Het pad nadert de hoge zandduinen en we buigen af over de natte zoutvlakte. De zoute modder vliegt tot op het dak van de auto. De Sabkha vlakte is begroeid met zoutminnende planten en struiken en grenst aan de zandduinen. We moeten gang houden om niet in de zoute blubber te blijven steken. Het is een heel aparte ervaring om er te rijden, met links het witte zout meer en rechts de woestijn. We volgen de GPS maar moeten steeds een pad kiezen als er meerdere sporen de zelfde richting uit gaan. We crossen door een steppelandschap waar we door uitgespoelde geulen rijden die lijken op drempels. De auto stuitert en waggelt en is moeilijk te besturen zonder een hoop gebonk en lawaai. Het regenwater van de bergen stroomt het lagergelegen meer in en heeft diepe sporen achter gelaten in het landschap. We raken het pad bijster in het steppelandschap en we wijken af van het meer. We rijden nog een stuk door maar komen in een natte Sabkha waar het te riskant wordt om door te rijden. We proberen het pad dat afwijkt en slingeren door een vulkanisch gebergte. Als we in de verte een hoog gebouw zien en een poel met riet weten we niet wat we zien! Het gebouw heeft rondom glas en een grote antenne op het dak. Er is een man die ergens heen belt en ons vertelt niet verder te mogen. Hij wil in onze auto kijken en zegt politie te zijn. Aan die flauwekul beginnen we niet en we vertrekken via het zelfde pad terug. Na 6 uur rijden komen we de 4 honden tegen! Ze zijn ons spoor helemaal gevolgd en zijn uitgedroogd en kapot van het uren lopen in de hitte. We geven ze bakken vol water en geven ze even tijd om op rust te komen. Ze liggen doodmoe in de schaduw van de auto bij te komen terwijl wij ons afvragen wat we hier mee aan moeten. We kunnen ze niet het hele eind terug laten lopen en besluiten ze allemaal in de auto te laden en terug te rijden naar de caravanserail. Even later rijden we terug met een auto vol honden. Ze zijn zo kapot dat ze al vrij snel gaan afliggen en ondanks het slechte pad blijven ze liggen. Alleen de jongste hond wordt wagenziek en kotst al het water uit over de vloer en tevens een lintworm van wel 80 cm. lang! We rijden door omdat de temperatuur flink gaat oplopen. Aangekomen bij de caravanserail laten we ze weer uit de auto. Er is niemand die de honden heeft gemist en ze kijken vreemd als ze de honden uit de auto zien springen. Als we vertellen wat er is gebeurd zeggen ze dat we de honden met stenen weg hadden moeten jagen! Er is een groep mannen aan het picknicken bij het water en een aantal architecten zijn op bezoek. Ze willen van de caravanserail een hotel maken en laten Klaas foto’s zien van voor de restauratie en vertellen over de restauratie die nu 2 jaar bezig is. Als de architecten vertrekken gaan de groep picknickende mannen zwemmen. Terwijl ik met deze hitte een hoofddoek en m’n lichaam moet bedekken met een lang gewaad spartelen zij rond in hun onderbroek! Als Klaas het zout wat van de auto heeft gespoeld neemt ook hij een duik in het water. Ik bak pannenkoeken en doe de afwas in de bron. Ik krijg nog net thee aangeboden die me bij de auto wordt gebracht terwijl Klaas in het gebouw uitgenodigd wordt! Als de zon zakt en de wind aanwakkert is het heerlijk om buiten bij het water te zitten. We luisteren naar de wereldomroep terwijl de honden zonder ook maar iets te eten hebben gekregen, rondom de auto liggen te slapen. Ik kan het niet over m’n hart krijgen om alleen Lex eten te geven en kook een pan rijst meer om dit te verdelen onder de honden. Rond 23.30 uur hebben we geen puf meer en tollen van de slaap. Het is helder en koel genoeg om te kunnen slapen onder het dekbed.
7 Juni.03
Klaas heeft in de ochtend weer last van diaree en buikkramp. Hij drinkt slappe thee en wil niets eten. We willen vandaag toch de karavaan serail van Marengab verlaten om verder naar het Noorden te reizen. Omdat we gisteren niet verder om het Namak meer konden rijden moeten we nu via de hoofdweg richting Teheran. Bij navraag aan de mannen bij de karavaan serail zou het om een beschermd gebied gaan waar een wilde geitensoort voorkomt. Als we afscheid nemen vragen we of de honden zolang op de binnenplaats worden vastgehouden. We zijn er zeker van dat de honden ons opnieuw achterna zullen komen. Met moeite krijgen we ze op de binnen plaats achter de ijzeren poort. Normaal mogen ze er niet komen en ze snappen er niets van! We vertrekken en geven het eerste stuk flink gas, we willen de honden niet in de achteruitkijkspiegel zien. Het is 8.30 uur en 24ºC als we onderweg zijn. We zien een gier met een grote varaan slepen. Kamelen leven in grote groepen in de duinen, ze eten de malse groene planten en grassen. De filmset die we op de heen weg zagen is verdwenen, alleen hun afval en rotzooi is achtergebleven en ligt overal verspreid. Wat een stelletje smeerkezen zijn het ook! In Kasan doen we inkopen zonder lastig te worden gevallen. Ik kan ongehinderd over straat lopen zonder een horde mannen en kinderen in m’n kielzog en dat is erg prettig. Er is niemand die zeurt of vreemd doet als ik een winkel in stap. Iedereen is vriendelijk en maakt een praatje. Dit is Iran zoals we dit 3 jaar geleden hebben ervaren. Ik koop bij de banketbakker een doos slagroomgebakjes als extraatje! Het is tenslotte Pinksterweekend in Nederland! Hierna rijden we via Qom naar Teheran. Onderweg stoppen we in de schaduw van wat bomen en een waterstroompje voor koffie met gebak uit Kasan. De tempraturen zijn opgelopen naar 32ºC. De saaie weg naar het Noorden gaat langs het Houze Soltan zoutmeer. Het meer is bijna op gedroogd, er is alleen een spierwitte vlakte die je ogen verblinden als je er te lang naar kijkt. Voor Teheran zien we op de computer een weg naar Varamin. We kunnen op deze manier ver van Teheran af blijven. De weg slingert door een vlak akkerlandschap en vinden bij een boomgaard met stromend water een plekje in de schaduw om er wat te eten. De Kuh e Damavand met zijn 5601 m. hoge sneeuwtop steekt overal bovenuit. Deze hoogste berg van Iran is een vulkaan en de enorme witte kegelvormige top ligt als een fata morgana in het landschap. Vanaf Varamin willen we het Alborz gebergte in ten Oosten van Teheran. Met behulp van de GPS en de computer vinden we de weg naar Sharifabad en slaan er af richting Semnan. Bij Eivanaki verlaten we de hoofdweg naar Saran en Kilan en slingeren door een gekleurd en geplooid landschap. Het is een vulkanisch gebergte en zeer bijzonder door de vormen en de vele verschillende kleuren gesteente. We volgen een rivier met een groene vruchtbare vallei met fruitbomen en akkertjes. De hellingen staan vol met bloeiende planten en is een lust voor het oog. Als we even langs de weg stoppen om hiervan te genieten worden we even later door de politie met loeiende sirene en zwaailampen tot stoppen gedwongen. We dachten van dit gezeik af te zijn, maar nee hoor, de hele procedure begint weer van voor af aan. De politie springt uit de auto en begint ons toe te blaffen en hier hebben we een schurft hekel aan. We weigeren om aan dit stuk verdriet onze paspoorten midden op straat af te geven. We moeten mee naar het bureau en weten precies hoe het zal gaan! We werken niet mee dus mogen we niet vertrekken. Ik wil de Nederlandse ambassade bellen maar dit wordt geweigerd. Niemand spreekt een woord Engels dus moet er een tolk ergens vandaan komen. Ze moeten weer zonodig laten zien hoeveel ze te zeggen hebben maar daar worden we niet warm of koud van. De politieman belt een heel dozijn onduidelijke mannen die allemaal naar het bureau komen om deze interessante vangst te aanschouwen. Maar, wij spelen het spel niet mee en als we eisen dat hij de kolonel in Shahrekord moet bellen trekt hij de keutel in en laat ons gaan. In middels zijn we een dik uur verder en moeten we haast maken om een overnachtingplek te zoeken. We vinden voor Firuzkuh een pad die de Havir rivier volgt door een vallei naar Mawmej, op 2500 m. hoogte. Het is een prachtige route door de smalle vruchtbare vallei met akkertjes en fruitbomen, zingende vogels en velden vol orchideeën, berenklauw (grote witte schermbloemen) en vele voorjaarsbloemen. Het pad gaat omhoog en net voor het donker vinden we een prachtig plekje om te staan op een wild stukje tussen de bloemen en bergstroompjes. Het is een stuk kouder en blijven in de auto om te eten.
8 Juni.03
Het was een rustige en koele nacht aan de Havir rivier in het Qarah gebergte op 2500 m. hoogte. We ontbijten in de ochtend zon met zingende vogels en een veld met honderden orchideeën en voorjaarsbloemen. Het is in Nederland eerste Pinksterdag. We zien de sneeuwtoppen verderop in de zon te schitteren. Er is weinig begrazing in dit gebergte vandaar de enorme verscheidenheid aan planten. We vertrekken om het pad verder omhoog te volgen en hopen een doorsteek te kunnen maken naar 2 bergmeertjes die op een van onze luchtkaarten wordt aangegeven. Onderweg stoppen we regelmatig om naar planten te kijken. Er groeit zoveel moois! Enorme paars bloeiende kogels staan met honderden tegen de rotsen te bloeien. Het is een Astragalus die de bergen paars kleurt. Verder zien we Lavendel, tijm, Iris met grote donkerpaarse bloemen, een mini Allium (uiensoortje), Minuartia, Acantholimons, Draba, Dianthus ( anjer) en een verscheidenheid aan onbekende plantensoorten waar we de naam niet van weten. Vanaf 2600 m. is het een waar feest voor de Alpine liefhebbers. We slingeren verder omhoog naar de sneeuwgrens over een pas op 3000 m. en krijgen als beloning een schitterend uitzicht op het bergmeer. Het water in het meer is turkoois van kleur en ligt er verlaten bij. Rondom het meer liggen de dikke plakken sneeuw te smelten in de zon. De hellingen zijn begroeid met voorjaarsbloemen. Ook hier staan de paarsbloeiende Irissen. Klaas voelt zich nog niet fit genoeg om een wandeling te maken en blijft met Lex bij de auto terwijl ik op zoek ga naar het andere meer. Het pad ligt verderop dicht met sneeuw. Er ligt een dik pak sneeuw en het is onmogelijk om verder te rijden.Er is geen tweede meer te bekennen en wandel een stuk verder het pad door. We blijven tot in de middag staan en vertrekken naar beneden om er warmer te overnachten. We vinden een open wei vol bloemen en bomen en volop water waar ik de was kan doen. Klaas repareert opnieuw de mengkraan die het na enkele dagen weer heeft begeven. Hij heeft een nieuwe constructie bedacht waardoor hij nu het uiterlijk heeft gekregen van een echte design kraan! We eten pinkstergebakjes in de zon, maar als de zon is vedwenen wordt het snel te koud om buiten te zitten. De kikkers kwaken en verder is het stil. Ik kijk Lex eens goed na en vang maar liefst 5 vlooien terwijl hij 2 weken geleden zijn vlooiendruppels gekregen heeft! Hij heeft enkele dagen met de 4 honden opgetrokken van de karavaan serail…….
9 Juni.03
Het is vandaag tweede Pinksterdag in Nederland en we missen dus Pinkpop en het zigeunerfestival in Tilburg! We staan in de bergen met alleen het gezang van vogels en de roep van de wielewaal. Het zijn overigens aardige geluiden om mee wakker te worden! Klaas is niet in zijn sas, hij heeft veel last van zijn darmen en voelt zich niet goed. Ik ontbijt alleen omdat hij geen hap naar binnen krijgt. Het is misschien verstandig om eens een dokter te bezoeken. Het gaat nu wel erg lang duren! De zon schijnt en de temperaturen lopen snel op naar 23ºC. Ik besluit om eerst het bed eens te verschonen en de matrassen eens uit te kloppen. Er ligt een flinke laag stof op na al het rijden op de paden. De kookplaat moet ook weer een beurt hebben, hij stopt na een half uur met branden en gaat hierna over op storing. Erg vervelend als je aan het koken bent en dat ding er mee op houd. Het kan met de hoogte te maken hebben waardoor de diesel niet goed kan verbranden en hij hierdoor vuil wordt. Het zal moeten wachten tot Klaas wat fitter is. Om 10.30 uur dalen we af via het pad door de vallei. De huizen in de dorpjes hebben metalen daken en glinsteren in de zon. De bewoners zijn erg aardig en groeten vriendelijk. Hier hebben we niet het gevoel een indringer te zijn. Er wordt hard gewerkt in de vallei, voornamelijk door oude mannen. De jongeren zijn allemaal naar de stad verhuist en komen alleen in de weekends en vakantie om hun ouders te bezoeken. We komen 30 km. voor Firuzkuh uit op de weg tussen Teheran en Sari en volgen deze drukke weg naar de Kaspische zee tot Pol e Safid. De temperatuur loopt op naar 30 ºC als we Firuzkuh naderen. De hellingen staan in bloei met bolvormige planten en gele vuurpijlen. We zien 10 km. voor Firuzkuh enorme grijze kussens tegen de kalkrotsen groeien. Tot onze grote verassing zien we de schitterende Gypsophila aretioides in grote aantallen tegen de rotsen groeien. De harde kussens zijn prachtig en hebben net gebloeid. Sommige exemplaren hebben nog kleine witte bloemen. Hier smult iedere plantenliefhebber van! Ze hebben enorme afmetingen en zijn over de rotsen heen gegroeid als koralen. Hierna moeten we even bijkomen en vinden een mooi plekje aan de rivier in de schaduw van de wilgen. Vanaf deze plek kijken we op een gebergte die vol staat met deze schitterende planten. Als we verder rijden ontdekken we langs de weg van Firuzkuh naar Gaduk overal Gypsophila aretioides tegen de verticale rotsen aan groeien. Ze vallen op door de enorme grote zilvergrijze kussens die op de rotsen groeien. In Firuzkuh kopen we wat te eten in een druk bezocht restaurant langs de weg. We rijden naar een steile helling begroeid met grote Acantholimons , via een pad met mooi uitzicht over het landschap vinden we een plekje om te eten. We maken een wandeling naar een nauwe kloof waar het ook vol staat met de grijze kussens van Gypsophila. Het is werkelijk een schitterend gezicht deze planten in zulke hoeveelheden te zien groeien. Tevreden keren we terug naar de auto en rijden via een mooie weg over de pas naar Pol e Safid. Aan deze kant van het gebergte is het landschap groener. Er groeien oude dikke coniferen tegen de hoge steile rotsen en groene bossen in de diepe ravijnen. In de vallei zijn rijstvelden aangelegd. Voorbij Pol e Safid zoeken we een doorsteek over de bergen naar de andere kant. Volgens de computer moet het mogelijk zijn om via een rivierdal in Oostelijke richting het Elburz gebergte te doorkruisen. We slingeren via een smalle weg omhoog en komen in een vochtig bosgebied waar de weg door heen loopt. De vogels zingen en het ruikt er naar schimmel. We vinden een bospad naar een open plek waar we kunnen overnachten. We maken een kampvuur en luisteren naar de geluiden van het bos. De roep van een uil en de vossen. We horen het janken van wolven. We zitten tot laat in de avond bij het vuur, het is vochtig maar met 20ºC niet echt koud.
10 Juni.03
We worden wakker van de vogelgeluiden en het hameren van spechten. Het is bewolkt en er hangt ochtend nevel. Het is een vreemde gewaarwording zonder de blauwe lucht! We wassen ons met het afgetapte water uit de boiler. Het water is bijna op omdat we gister geen geschikt water konden bijtanken. Er waren genoeg open bronnen maar dit vinden we niet veilig genoeg om als drinkwater te gebruiken. Het drinkwater gaat wel door een filter maar toch! Hopelijk kunnen we vandaag wel veilig water tanken. We ontbijten buiten in het woud vol oude dikke bomen. De zon komt af en toe even door en alles ziet er een stuk lichter uit. We horen een hoop gejank in het bos, het lijken wel wolven! Het keffen van vossen kennen we wel, het geeft een heel ander geluid dan dit zware gehuil. Er groeien wit bloeiende orchideeën en varens. We vertrekken om 10.45 uur om het pad door de uitlopers van het Elburz gebergte te hervatten. Het smalle pad heeft diepe kuilen en slingert door een dicht woud omhoog en omlaag, via een vallei met aangelegde rijstvelden die als terrassen tegen de berghellingen zijn aangelegd. We komen door verschillende controleposten om te voorkomen dat er illegaal hout gekapt wordt. De slagbomen worden zonder problemen voor ons open gemaakt. We zien onderweg wilde zwijnen het pad oversteken en een vos. Het pad begint af te wijken van de goede richting! De GPS helpt ons de goede richting te rijden en deze geeft aan dat we richting Kaspische zee rijden naar Sari. We rijden door en dalen via een steil pad af naar een rivier, hier komen we weer op asfalt! We volgen de rivier in Westelijke richting tot we bij een brug in Oostelijke richting verder kunnen rijden via een slecht en smal pad. De richting is goed maar we gaan vreselijk steil omhoog via een glibberig pad dat niet bereden is. We krijgen opnieuw het vermoeden niet goed te zitten. We komen uit in een bergdorp waar de auto maar net doorheen kan rijden! Buiten het dorp draaien we de auto en rijden het hele pad terug naar de rivier. De bewoners zijn verrast ons te zien en groeten vriendelijk. Het heeft geen zin om de weg te vragen omdat we elkaar niet kunnen verstaan. Via de weg rijden we landinwaarts naar Dasht e Bu. Vanaf deze weg willen we proberen naar het hoger gelegen gebergte van de Elburz te komen. Het is bewolkt en 22ºC als we onderweg een pad naar een open bos in rijden. We rijden een berghelling op en vinden een mooie overnachtingplek met uitzicht over het dal. Er staan dikke bemoste bomen en er ligt voldoende hout voor een kampvuur. We eten dicht bij het kampvuur omdat het vochtig en koud is. Als het ook nog gaat miezeren, verhuizen we naar de auto. Om 21.30 uur maken we het bed klaar en kruipen vroeg onder de wol. Het is maar 14ºC en erg vochtig omdat we in de wolken staan.
11 Juni.03
We worden wakker met een blauwe lucht en helder uitzicht over een berglandschap begroeid met dichte bossen. De vogels zingen en de hoppen roepen. Klaas voelt zich een stuk beter en drinkt zijn koffie bij het ontbijt. De Meidoorn bloeit hier nu pas, het voorjaar is in volle gang met bloeiende bermen en bergweides. Het landschap doet een beetje Frans aan! We vertrekken na het ontbijt, het landschap wisselt voortdurend van groene hellingen naar kale, vlaktes en 65 km. voor Damghan rijden we door een brede wadi (rivierbedding) ingesloten tussen de bergen. We besluiten om in Damghan te tanken en boodschappen te doen. We zien op onze route geen mogelijkheden meer om dit te doen. De weg gaat door een leeg en woest landschap en zien hier plotseling 2 grote beelden in het landschap staan! Deze beelden stellen steenbokken voor en duiden er waarschijnlijk op dat deze dieren hier voorkomen. De weg slingert door een groene vallei en komt uit in het gehuchtje Chesmhe ali. Hier ontspringt een bron en er is water in overvloed. Er is een kazernen gelegerd en er lopen te veel soldaten rond. Het ziet er erg aantrekkelijk uit om er in de schaduw van de wilgen te picknicken. We rijden eerst naar Damghan en op de terugweg stoppen we op deze plek. We rijden door een gebergte met verticale richels en rotsen en volgen de rivier tot Damghan. Het slaperige stadje ligt in de vlakte en heeft de oudste moskee van Iran en de 2 minaretten zijn 25 m. hoog. De beste pistache noten komen hier vandaan en overal langs de weg kun je deze noten kopen. We kopen een zak bij een van de vele stalletjes en zijn inderdaad heerlijk! Ik doe boodschappen en wordt met rust gelaten. De man in de winkel helpt me de boodschappen naar de auto brengen en is zeer vriendelijk. We kopen warm brood dat meer smaakt naar gebak dan brood. We rijden terug naar de Chesmhe ali om bij de bron te staan. Ik maak van het brood kersengebakjes met een dikke toef slagroom. De soldaten groeten ons vriendelijk en laten ons verder met rust. Ik was m’n haren snel buiten bij het stromend water en moet hierna de hoofddoek weer op. Lex neemt een plons in het heldere water en is al dat vervelende autorijden weer vergeten.Het is 29ºC als we verder rijden naar Qalen( of wel Dibag ). De heuvels rondom deze plaats zijn begroeid met bloeiende Acantholimons De donkerroze kogels zijn een schitterend gezicht op de verder kale rotsige hellingen. We zoeken een pad in Oostelijke richting dat door het Alborz gebergte loopt. Na even zoeken vinden we een spectaculair pad door het gebergte. Ook hier zien we de enorme grote grijze Gypsophila tegen de rotsen groeien. We volgen de rivier tot aan een nauwe kloof. Het pad houd hier op en vinden we een mooi plekje om te blijven staan. Er ligt een dode gems in de kloof waar een roofvogel en kraaien zich te goed aan doen. De akkers in de vallei zijn rood van de klaprozen en er staan oude dikke coniferen. Terwijl ik de was doe sprokkelt Klaas hout voor het kampvuur. Het is op 2500 m. in de avond erg koud met 12ºC. In de zon is het een stuk aangenamer en is het heerlijk om buiten te zijn. Klaas maakt een bergwandeling naar een hoger gelegen gebergte en vindt er bloeiende primula’s langs de rivier. Ik zie hem voor het donker weer terug. We maken een kampvuur waar we de rest van de avond door brengen. Het is bijna volle maan, het is hierdoor niet donker.
12 Juni.03
Als we gisternacht bijna slapen horen we een auto aan komen. Het zijn 2 boswachters die om d paspoorten vragen! Klaas spreekt de mannen vanuit het dakraam aan en vraagt om morgen terug te komen omdat we op bed liggen. Gelukkig blijven ze niet door drammen en vertrekken. Om 1.30 uur worden we opnieuw wakker van een auto die achter onze auto gaat staan. Klaas kijkt uit het dakraam en ziet niemand uitstappen. Even later rijd de auto weer weg. We vragen ons af wat al deze mensen toch in de nacht rondspoken!Het pad is bepaald niet gemakkelijk berijdbaar en de plek is ver weg van de bewoonde wereld. De rest van de nacht worden we met rust gelaten. Na het ontbijt staat de politie op de stoep! Ze willen gegevens hebben en hebben een grote map bij met formulieren. Ze zijn door de boswachters gestuurd en Klaas vraagt waarom ze al deze moeite doen en of we iets verkeerd hebben gedaan? We weigeren mee te werken en geven het telefoonnummer en naam van de kolonel uit Sarekord. Hiermee nemen ze genoegen en vertrekken. Als de politie is vertrokken staan de boswachters op de stoep! Klaas geeft ze een uitbranden, hij is vreselijk boos omdat ze zo achterbaks zijn geweest om de politie te sturen. Ze druipen af als Klaas hun verder te woord te staan. Dit soort mensen weten totaal niet hoe ze met vreemde bezoekers om moeten gaan en willen geen potte kijkers die wel eens kunnen zien hoe het er hier aan toe gaat! Om 10.45 uur vertrekken we voor de volgende komt,zolang we hier staan zullen ze ons niet met rust laten. Het is helder en 19ºC als we het zelfde pad terug rijden naar Dibag. We willen vandaag een nieuwe poging doen om door het Alborz gebergte te komen en rijden naar de hoofdweg terug naar Damghan en Sahrud. De temperatuur loopt op naar 30ºC als we weer in Damghan aan komen. We volgen een vlakke, kale en saaie weg langs de voet van het gebergte en slaan voor Sahrud een pad in dat richting de bergen gaat. We stoppen bij een waterkanaal om er in de schaduw gebakjes te eten uit Damghan. Het pad is erg slecht en blijkt ook nog dood te lopen naar een oude mijn. Er zit niets anders op dan terug te rijden naar de weg en voorbij Sahrud een andere afslag te proberen. We slaan af bij Mojan, 33 km. Een weg volgt dit keer de lijn op onze computer in de goede richting. Voorbij de afslag naar dit dorp volgen wij een pad verder de bergen in en komen in een klein dorpje waar het pad stopt. We vragen enkele jongemannen of we door de bergen naar Gorgan kunnen. Er blijkt een pad verder te gaan en moeten 4 km. terug. Inderdaad vinden we het pad dat op de computer wordt aangegeven. Bij een rivier met bloeiende orchideeën langs de oever en bomen vinden we vlak langs het pad een mooi plekje om te staan. Iedereen kan ons zien staan en we kijken wel of ze ons met rust laten vannacht! De kookplaat wordt schoongemaakt omdat hij steeds uitgaat onder het koken en dat is vreselijk irritant. Er komt een groep met mannen picknicken, het weekend is hier begonnen. De rest van de avond zitten we in d auto, het is met 16ºC te fris om buiten te zitten. Onze wasbeurt moet dit keer in de auto gebeuren, het is veel te koud om buiten te douchen. Rond 23.00 uur gaan we onder zeil. Morgen hopen we dan eindelijk een doorsteek te kunnen maken door het Alborz gebergte naar Gorgan.
13 Juni.03
Het was een zeer rustige nacht, we hebben geen auto’s meer op het pad gehoord. We staan net voor 7.00 uur op en de zon schijnt al op de auto. Het is nog frisjes maar de zon warmt alles snel op. De koekoek roept en de vogels zingen. We ontbijten met warm brood, feta, marmelade en slagroom. We tanken water bij een bron vlak bij de overnachtingplek. Het water komt zo uit de grond en is schoon en koud. De eerste picknickers zijn al gearriveerd, het is weekend dus iedereen trekt er opuit! Picknicken bij water en in de schaduw van bomen is een geliefde bezigheid op vrijdag. Vandaag willen we proberen om de doorsteek van het Alborz gebergte van Sharud naar Gorgan te volbrengen. We hebben goede hoop dat het gaat lukken en vertrekken dan ook met goede moed Aan de andere kant van het gebergte ligt een enorme vlakte die uitkomt aan de Kaspische zee. Er zijn ook dichte bossen en het klimaat is er vochtig en warm. Het pad gaat langzaam omhoog naar 2700 m. Het is een schitterende route door een okerkleurig gebergte begroeid met de paars bloeiende Astragalussen. De kogels hebben soms een doorsnee van wel een meter. De hellingen zijn paars van de Astragalussen en ze zijn werkelijk prachtig. Verder groeien er enorme oude coniferen en jeneverbesbomen. De Acantholimons zijn zeker net zo mooi en groeien er ook in grote getale, maar bloeien nog niet. We dalen af en komen in een woud met steile berghellingen waar platte jeneverbesstruiken en oude eikenbomen groeien Het is er vochtig en warm, het voelt tropisch warm met 29ºC op 2300 m.We drinken koffie tussen oude grote bomen met uitzicht over het woud. De kale vlakte ligt beneden ons. We willen nog niet afdalen en besluiten om vandaag in deze groene omgeving te blijven. Via een steil tractorpad vinden we een vlak open stuk tussen de bomen. We zetten de auto op een groene wei met ruim uitzicht rondom. De zon schijnt en er is volop hout voor een kampvuur. De rest van de dag relaxen we buiten in de zon. Later in de middag komt er bewolking opzetten en er vallen enkele spetters regen. Klaas sprokkelt hout terwijl ik wat in de auto schoonmaak. Gelukkig komt de zon er weer bij tot de zon achter de bergen verdwijnt. Op de vlakte onweert het en er hangen donkere wolken. Op deze hoogte is het helder en de temperatuur zakt snel naar 15ºC. We zitten rondom het kampvuur tot we gaan slapen.
14 Juni.03
We staan vroeg op, de wolken komen vanuit de diepte opzetten en hullen ons in dikke mist. Het is met 12ºC nog erg fris, maar de zon komt er af en toe bij en zal de ochtendmist snel doen verdwijnen. Lex rent als een dolle stier door het hoge natte gras en geniet er zo te zien van. Om 7.30 uur zijn we al op weg en rijden via het pad slingerend naar beneden. Een steile afdaling van 2450 m. naar zee niveau door een dicht oerwoud met een grote verscheidenheid aan boomsoorten. Op 800 m. hoogte zijn schitterende open bossen met stromend water waar je heerlijk kunt staan. Er komen veel mensen om te picknicken aan al het afval te zien! Het achteloos achterlaten van afval is een slechte eigenschap van de mensen. De temperatuur stijgt naarmate we verder afdalen naar Gorgan, een grote en drukke stad op de vlakte. Er staan palmbomen langs de weg en het klimaat is er vochtig en warm. De mensen die op de akkers werken dragen enorme zonnehoeden. De vrouwen werken in de rijstvelden en op de akkers en dragen dunne lichte hemden. Via Gorgan rijden we de hoofdweg verder naar Kord-Kuy, Galugaih en Behsahr naar de Kaspische zee. Aan de linkerkant ligt het dichte woud in mist gehuld, aan de andere kant rijden we langs de baai van Gorgan. Onderweg doe ik boodschappen, er zijn veel jongeren die rondhangen en bij de auto komen vervelen. Ze rijden rond op brommertjes en hebben niets te doen. We vinden een landbouwweg door de rijstvelden naar de zee. We eten in de schaduw van een bosrijk gebied vlak aan het strand. Er zijn platjes gemaakt waar de mensen kunnen picknicken, maar overal ligt het bezaait met afval. De mensen vegen het platje schoon en zitten er tussen het afval en de stinkende luiers te picknicken of er niets aan de hand is! Wij vinden iets verderop een plekje waar het iets schoner is om er te eten. Het is moeilijk om een stukje onbedorven kust te vinden, maar tussen een nieuw vakantie project in wording en een oud vervallen vakantieoord vinden we een stukje onbedorven kust. Er groeien grijs behaarde planten op het strand met witte bloemen en een strook met open bossen. We rijden de auto tussen de bomen om er de rest van de middag te blijven. Het is in de schaduw en wind van zee 29ºC. Maar ook hier heeft de jeugd ons snel gevonden en kunnen ons niet met rust laten. Het is een gaan en komen van jongens op brommertjes. Waar ze allemaal vandaan komen mag Joost weten! We worden constant in de gaten gehouden en bespied. Ze duiken overal op, tussen de struiken en bosjes. Ze lopen zich te vervelen, terwijl de meisjes en vrouwen op de akkers en rijstvelden zich krom werken. De jongens zijn op zoek naar vertier en vermaak. We luisteren naar de wereldomroep, er is al 4 dagen een studentenopstand aan de gang in Teheran. Vandaag zijn de protesten uitgebreid en de bevolking is vandaag ook de straat op gegaan. Er wordt gevochten en ze willen tot 4 Juli doorgaan met hun actie. Ze eisen democratie en vrijheid. Ze zijn dit regiem beu en vinden het na 24 jaar van onderdrukking genoeg geweest. Als de sfeer grimmiger wordt weten we niet of het wel verstandig is om langer in Iran te blijven. Het gezag hier is een wassen neus! De politiemacht en de vele meelopers en verklikkers hebben totaal geen gezag in dit land. Als de bevolking de studenten steunen ligt het regiem zo op zijn kont. We hopen van harte dat er veranderingen komen omdat iedereen het beu is, maar dat ze dit dan doen als we het land uit zijn! We wachten nog even af hoe het zal ontwikkelen en moeten na morgen beslissen wat te doen. Op het eind van de middag besluiten we verder te rijden. Via de drukke hoofdweg van Sari naar Teheran. Het is bewolkt en er valt wat regen als we Bahol en Amol naderen. De weg is vreselijk druk en er wordt luk raak ingehaald. In de plaatsen gaat het er chaotisch aan toe en het is erg druk. De weg slingert verder door een mooi gebergte met steile rotswanden begroeid met bossen. We volgen de rivier en verlaten de hoofdweg bij de afslag naar Bajadeh. We willen verder via een route door het gebergte en snel een plek vinden voor het donker wordt. De lucht is donker en de wolken beletten ons het uitzicht dat erg mooi moet zijn. We vinden een vlak plekje waar bijenkasten staan! Het is snel donker en hopen dat de bijen ons met rust laten. Morgen zien we verder en hopen dat het weer opknapt.
15 Juni.03
We slapen tot 6.30 uur, de zon schijnt dan al op de auto. We staan op 1600m. hoogte en het is frisjes. Na het ontbijt vertrekken we in Westelijke richting door het Alborzgebergte. We volgen de wilde rivier de Heraz die bruin gekleurd is door de grond en modder die hij mee spoelt. Langs de rivier zijn soms diepe kloven ontstaan met steile kanten. Via een zijpad slingeren we omhoog naar 2700m. en hebben een schitterend uitzicht over een groen gebergte met bloeiende bergweides. Ook hier staan de paarsbloeiende Astragalussen en grote geelbloeiende Onosmas. De verticale rotsen lijken op orgelpijpen! Het pad loopt dood met uitzicht in het dal waar de bewolking komt opzetten. We slingeren het pad weer terug naar beneden en komen in de wolken terecht. Gelukkig is de zon sterk genoeg om de mist op te lossen. Overal staan geelbloeiende struiken te bloeien, ze lijken wat op brem. We volgen een ander pad door een kloof met steile rotswanden en watervallen. Het zicht op de sneeuwtoppen verderop komt dichterbij. Het pad komt uit in een bergdorpje hoog tegen de rotsen gebouwd tussen boomgaarden en bloeiende meidoorn. We dalen het zelfde pad weer terug naar de weg en volgen de rivier. Op 1870m. zien we de prachtige Gypsophilas tegen de rotswanden groeien. Hier staan de planten uitbundig te bloeien, de kleine witte bloemetjes groeien plat op de harde planten. We slingeren verder door een groene vallei met zingende nachtegalen en op de vochtige stukken staan verschillende soorten orchideeën te bloeien. Een enkel dorpje ligt tussen het groen verscholen. Voor het dorp Baladeh rijden we door een smalle kloof en vinden tegen de rotsen Dionysia aretioides samen met Gypsophila aretioides en Minuartia met witte bloemen. Deze Dionysia komt voor in het Alborz gebergte maar we hebben er geen coördinaten van. Het is dan ook verassend om ze hier te zien groeien. De planten zijn hard en hebben uitgebloeide gele bloemen en staan op een hoogte van 2010m. Bij de vindplek vinden we een mooie plek aan de rivier tussen de bomen en een wei vol orchideeën. We picknicken in het gras. We noteren de coördinaten en blijven de rivier volgen met uitzicht op de besneeuwde bergtoppen. We zien tegen de hellingen hard roze kogels. Het zijn schitterende planten in volle bloei, de soortnaam is voor ons onbekend. We rijden verder door een prachtig berglandschap en stijgen naar 3100m. en zien langs de bergstroompjes roze bloeiende primula’s op lange ranken stelen, ze staan samen met andere witbloeiende planten. De dikke pakken sneeuw liggen te smelten en gelukkig is de weg vrij. De afdaling gaat via scherpe bochten naar 2800m. Het landschap is er heuvelachtig met groene bergweides We vinden langs de rivier een mooie plek tussen de blauwe campanulas en de schermbloemen. Rondom ons liggen de besneeuwde bergen waar we zicht op hebben. Helaas gaat de zon al gauw achter de wolken en de temperatuur daalt snel. Als er wat regen valt besluiten we verder naar beneden te rijden om een overnachtingplek te zoeken. We dalen af naar de hoofdweg van Karag naar Chalus aan de Kaspische zee. Het is een spectaculaire weg maar erg druk en gevaarlijk. Het is een lange afdaling langs kletterende watervallen en diepe ravijnen, steile rotswanden en tunnels. Overal zijn restaurantjes en kraampjes waar je kunt eten en drinken. Voor Chalus groeien weer bossen en zien door de nauwe kloof de rotswanden vol Dionysia aretioides met uitgebloeide bloemen. Het staat er vol mee maar we kunnen er niet bijkomen. De rivier zit er tussen en uit de auto stappen is langs deze vreselijk drukke en smalle weg zelfmoord! Ze rijden hier als gekken en er is geen ruimte om te lopen. Sommige kussens hebben een enorme omvang. We rijden verder en vinden via een zijweg een plek om te overnachten op 1650m. Het uitzicht over een dicht woud en de besneeuwde bergen is erg mooi. We eten in de zon en maken voor de avond een kampvuur. De mist komt vanuit het diepe dal opzetten. Om 22.30 uur maken we het bed klaar, het is stil.
16 Juni.03
We vertrekken na het ontbijt terug naar de hoofdweg naar Chalus aan zee.De weg slingert door koele bossen met vervuilde parkeerplaatsen. We volgen de Harz rivier tot aan zee en doen boodschappen onderweg in een van de vele winkeltjes. De hoofdweg is erg druk en gaat langs zee door dichte bebouwing van Tonekabon naar Ramsar. Aan de ene kant van de weg zijn kledingwinkels, aan de andere kant staan de villa’s in alle kleuren van de regenboog. Paarse muren, oranje daken en gifgroene kozijnen! De villa’s hebben de meest uiteenlopende vormen en er zijn erg moderne huizen bij. We vragen ons af welke mensen dit kunnen betalen! Land inwaarts ligt een groen gebergte met dichte bossen in de mist en nevel gehuld. De kust is tot Ramsar volgebouwd en na lang zoeken vinden we een plekje om even te stoppen aan zee. De kust is erg vervuild en smerig, overal ligt afval te stinken bij een temperatuur van 29º. In Ramsar worden we door de bevolking uitbundig begroet.Ramsar was voor de revolutie een bekende badplaats en toeristenoord. In de tijden van de Sjah kwamen hier veel toeristen naar toe. Ze denken vast dat deze tijden terug keren met de komst van ons! De drukte op de weg is na Ramsar een stuk minder. Er is minder bebouwing waardoor er meer ruimte is voor begroeiing, bomen en rijstvelden. Tot Rudsar rijden we de hoofdweg en nemen hierna een smalle weg langs zee door kleine vervuilde dorpjes met veel afval in de bermen.We zoeken een rustige plek waar Lex even op adem kan komen, maar er is niet veel keus! We zijn 15 km. van Bandar e Anzali en besluiten de familie van onze Iraanse vrienden op te zoeken. We zijn 3 jaar geleden enkele dagen bij deze familie geweest. Met een grote doos gebak en halva staan we onverwachts voor hun deur. Het is een grote verrassing elkaar weer terug te zien. Ali en Sedi zijn erg blij ons te zien en even later wordt de hele familie opgetrommeld om ons te zien. We zijn net als 3 jaar geleden allemaal bij elkaar. Er zijn een paar nieuwe gezichten bij gekomen en enkele baby’s. Het hele huis zit vol tot we naar een ander huis worden gebracht aan zee. Hier brengen we de rest van de avond door met buiten eten en vooral veel drinken! Er komt nog meer bezoek en tot in de nacht wordt er gepraat en gedronken. Iedereen vertrekt en wij blijven alleen achter in een nieuwe villa met 3 villa’s in aanbouw. Dit kan alleen in Iran!
17 Juni03
We waren al vroeg uit de veren, Klaas voelde zich niet erg lekker na het drinken van te veel alcohol! Ik heb nergens last van, maar dat komt omdat ik veel minder gedronken heb.Het was erg warm in de slaapkamer, ondanks de airco. Er zaten ook muggen die me regelmatig uit de slaap hielden. Om 800 uur staat Ali aan de poort om te kijken of we al wakker zijn. We drinken samen nog een koffie en vertrekken naar Sedi die met het ontbijt op ons wacht. Het is al warm als we in de auto de weg langs zee rijden. Na het ontbijt vertrekt Klaas met Ali naar een internetcafé, het is er niet mogelijk om onze mailtjes op te slaan omdat er geen diskettestation is! Terug informeert hij bij de schoonzoon van Ali en Sedi over het type olie die hij in zijn garage verkoopt. Hij heeft samen met zijn broer een garage, ook de 4 villa’s aan zee in aanbouw zijn van deze schoonzoon. De auto moet nieuwe olie hebben en Klaas wil zeker zijn dat de olie goed is. Hij belt met de garage in Nederland en checkt het soort olie. De kwaliteit van de olie moet van de zelfde SAE-klasse zijn. We kunnen de eerste onderhoudsbeurt laten doen in de garage van de schoonzoon. We krijgen na het eten opnieuw bezoek en kijken video. Het is buiten erg warm en Lex heeft het buiten ook warm. Gelukkig kan hij in de schaduw liggen en spuiten we hem nat . De rest van de middag wordt er een dutje gedaan en gaan we met Lex naar het strand hier vlakbij. De zus van Sedi woont aan de zee en ziet ons lopen.We drinken er wat voor we terug naar huis gaan. Het is inmiddels bijna 19.00 uur en Klaas gaat naar de garage om olie te verversen. Ik zorg voor Lex en geef hem macaroni en gehakt. Als we allemaal weer compleet zijn vertrekken we voor het avondeten naar de dochter van Sedi en Ali. Haar man heeft de garage en de villa’s aan zee. Ze wonen zelf in een ruim appartement ook in Anzali. We brengen de rest van de avond gezellig door met praten, eten en drinken. We kijken de trouw video en vertrekken in de nacht naar de villa aan zee om te overnachten. Lex halen we op, hij moest alleen achterblijven op de binnenplaats bij Ali en Sedi. Hij is door het dolle heen als we terug zijn. Het is met 29ºC nog erg warm en plakkerig. We nemen een douche en beslissen om in de auto te slapen. Het is in de villa erg warm, de airco heeft uitgestaan. We hangen de hor omdat er veel muggen zijn. We hopen toch wat te kunnen slapen met deze hitte!
18 Juni03
Het was een warme en onrustige nacht. De muggen en de hitte waren de oorzaak en we zijn om 4.00 uur in de villa gaan liggen met de airco op volle snelheid.Hierna hebben we toch kunnen slapen. De werkers stonden op de stoep terwijl wij nog op bed lagen. Ze zijn bezig met de binnenplaats te bestraten met marmer. Ze zijn ook weer vertrokken toen ze onze auto op de binnenplaats zagen staan. Het is 8.00 uur als we opstaan en de temperatuurmeter geeft al 27ºC in de schaduw aan. In de zon is het erg warm en er is geen wind. We ruimen alles op en vertrekken naar het huis van Sedi en Ali.om te ontbijten. Klaas vertrekt om geld te wisselen bij de bank. We willen morgen vertrekken richting Turkse grens en onderweg ook nog wat dingen zien. We hebben nog 10 dagen en moeten dan het land uit zijn. Het visum is dan na 3 maanden verstreken. Ali en Sedi willen niets horen van vertrekken en willen dat we zeker 1 week blijven! We proberen uit te leggen dat we graag naar Qara Killise willen, er is waarschijnlijk dit weekend een speciale viering voor alle Armeniërs. Overal komen deze mensen vandaan om met elkaar te feesten en wij zouden dit graag willen zien! We lopen even naar de bazaar vlakbij en kopen wat eten voor ons vertrek. Het is te warm om verder nog iets te doen. Ik bel met m’n moeder, ik heb haar niet meer gesproken sinds nieuwjaar en bellen naar onze Iraanse vrienden in Nederland. Klaas raapt alle moed bij elkaar om de auto te wassen en eens goed in de was te zetten. De buren komen ons welkom heten, ze hebben drank mee gebracht en wat te eten. We eten gezamenlijk, we kennen elkaar van ons vorige bezoek van 3 jaar geleden. Wat aangeschoten door de wodka vertrekt de buurman weer samen met zijn vrouw. We luisteren naar de wereldomroep, de rellen in Iran zijn uitgebreid en er is een hoop protest. De televisie in Iran zwijgt in alle talen en weerhoud de mensen van informatie over de studenten demonstraties. Alleen met een satelliet kunnen de mensen in Iran buitenlands nieuws ontvangen, maar het is verboden om een schotelantenne te hebben! Veel mensen hebben stiekem een schotel en komen op deze manier aan informatie. Af en toe worden er controles gehouden en worden de schotels in beslag genomen en vernietigt en er moet een dikke boete betaald worden. Iedereen is dus erg voorzichtig. Het is wel mogelijk om een Iraanse radiozender te ontvangen vanuit Amerika.Deze zender geeft wel informatie over de demonstraties. We houden het in de gaten en hopen dat het niet te veel uit de hand gaat lopen voor we de grens over zijn! We vertrekken naar de villa om te douchen en te slapen. Morgen staat er een picknick bij een waterval in Lahijun op het programma. Ons vertrek is dus tot vrijdag uitgesteld!
19 Juni.03
Vandaag is het bewolkt en koeler dan de afgelopen dagen, 26ºC. We hebben goed geslapen en vertrekken naar de villa om te ontbijten. We vertrekken in de middag naar Lahijan voor een picknick. Het is een druk bezochte plek bij een meer met groene heuvels begroeid met theestruiken. Het is er al druk met families, ze wandelen en picknicken en eten ijsjes. We nemen Lex mee voor een wandeling en trekt natuurlijk alle aandacht! Ali koopt een grote doos met koeken, lavashak en een zak pindas voor onderweg. De auto geeft opnieuw een te hoog oliepeil aan! Klaas heeft het olie peil 3x gecheckt en het was goed. We gaan toch even bij een garage langs. Er wordt olie uit gehaald en de stroring is opgeheven. Na Lahijan rijden we naar een zus van Sedi. Ze woont ook in Anzali en heeft een knus huisje met een grote tuin aan zee. We eten voor de tweede maal ijs en gebakjes. Lex krijgt een bal cadeau en is er erg mee in zijn sas. We nemen afscheid van haar en haar kinderen en kopen kebap voor het avondeten. Het is al weer laat als we naar de villa rijden om te slapen, morgen vertrekken we!
20 Juni.03
We hebben goed geslapen en geen last gehad van muggen. Het is weekend maar het personeel zit al om 7.45 uur te wachten buiten de poort van de villa. Vandaag wordt het sanitair in de andere 3 villa’s geplaatst en de tuin wordt aangelegd. Over 20 dagen zouden de villa’s klaar moeten zijn. We ontbijten bij Sedi en Ali. Iman, de zoon ligt op zijn matrasje op de vloer in de kamer. Hij slaapt nog en trekt zich niets aan van het lawaai. Behran, de schoonzoon komt de sleutels van de villa ophalen en eet ook een hapje mee. We vertrekken na een heerlijke maaltijd en nemen hartelijk afscheid van Ali, Sedi en zoon Iman. Het is al weer 14.30 uur als we via Astara, Ardabil naar Tabriz richting Turkije gaan. Het is 29ºC en blauwe lucht. De auto geeft af en toe opnieuw een te hoog oliepeil aan! De weg langs zee gaat door een groen landschap met koele bossen afgewisseld met rijstvelden. Er zijn mooie picknickplekken waar families samen de vrijdag door brengen. In het binnenland hangt bewolking boven de dicht beboste bergen. Er wordt als gekken gereden, iedereen haalt als waanzinnigen in bij hoge snelheid. We rijden 90 km. op een enkelbaans weg met veel bochten en bebouwing, niet bepaald langzaam. Iedereen vliegt ons voorbij en het gaat soms net goed als er tegenliggers zijn. De weg is druk en als een pick-up ons van de weg af wil rijden raakt hij onze bumper. We volgen de auto en manen hun te stoppen. Klaas gaat tegen de man tekeer en vraagt of hij zijn verstand verloren heeft om met een auto vol mensen en kinderen zo idioot te rijden. Hij staat er als een onnozele te kijken en zegt niets. De vrouwen proberen Klaas te bedaren en bieden excuses aan. De schade aan de bumper valt mee, maar het had ook anders af kunnen lopen! Als een Iraniër achter het stuur zit lijkt wel of ze geen verstand meer hebben! We zien onderweg de nodige aanrijdingen en ruzies. De weg naar Ardabil slingert langs de Agicay rivier door een schitterend groen gebergte. De rivier is de natuurlijke grens met Azerbaijan. We waren hier 3 jaar geleden en het was er rustig, vandaag is het weekend en vreselijk druk. Iedereen lijkt levensmoe en nemen enorm veel risico met inhalen. De velden zijn paars van de ridderspoor en bergweides zijn begroeid met klaprozen en voorjaarsbloemen.In Ardabil nemen we de weg naar Sarab, we willen naar het Sabalan gebergte. Het is een oude vulkaan met een hoogte van 4740m. De weg gaat door een groen heuvellandschap op 2100m. met een wijds uitzicht op de besneeuwde bergtoppen, lemen dorpjes en bergmeertjes. We zoeken een mogelijkheid om ergens een plekje te vinden om te overnachten en rijden bij Sabalan een pad de bergen in. Langs de rivier zijn nog mensen aan het picknicken, maar als het pad verder omhoog gaat is het uitgestorven en leeg.De temperaturen dalen en op 2465m. vinden we een mooi plekje met prachtig uitzicht op de vulkaan. Het waait te hard om buiten te zitten en met 14ºC blijven we in de auto om te eten. Als we op bed liggen horen we de regen op het dakraam, hopelijk is het morgen beter weer.
21 Juni.03
Het is helder en de zon schijnt als we opstaan. We ontbijten in de zon en het is heerlijk weer. We krijgen bezoek van twee herders op muildieren. Ze hebben een jong geitje in een reiszak en zijn goedlachs. Ze willen op de foto en lachen zich een bult als ze zichzelf op het camera scherm zien. Er groeien grote velden papaver bij onze overnachtingplek. We rijden het pad verder omhoog en zien op de hoogvlakte Turkmeense ronde tenten gemaakt van witte schapenwol. Ik neem een kijkje bij een van de tenten, de vrouw ontvangt me hartelijk. Ze draagt paarse kleren en een zwarte band om haar lange vlechten. Ze is vriendelijk en probeert met me te praten. We lachen allebei als we elkaar proberen te verstaan. Ze spreekt geen Farsi maar een Turks dialect. Hier leven Turkmenen en geen Iraniërs met hun kuddes in de bergen. De Astragalussen bloeien paars en kleuren de afgegraasde berghellingen samen met tijm en campanula. Het pad slingert te veel uit de richting en we besluiten om terug te rijden naar Sarab. De weg naar Tabriz is druk en de auto geeft opnieuw een te hoog oliepijl aan! We stoppen op een rustige plek in de schaduw met bloeiende wilgen om wat te rusten en het oliepijl te checken. Klaas haalt een halve liter olie eruit en we begrijpen er helmaal niets van! Het begint aardig warm te worden als we naar Tabriz rijden. De afslag naar de Kuh e Sahand kunnen we nergens vinden en Klaas heeft geen zin om terug te rijden om de afslag te zoeken. We rijden in een hitte van 35ºC verder naar Khoy en Maku. Vlak bij de Turkse grens ligt in de bergen de Armeense kerk, Qare kelisa. Er zouden nu feesten worden gehouden en we hopen er op tijd te zijn om dit te zien. We hebben de ‘zwarte kerk’ 3 jaar geleden ook bezocht en het was er toen erg slecht weer.We hopen er deze keer meer geluk te hebben! De weg naar Maku is vreselijk saai en warm en er zijn geen mogelijkheden om ergens te stoppen in de schaduw. De weg naar Qare kelisa gaat omhoog naar een gebergte met steile verticale kalkrotsen en richels. Er groeien schitterende Campanulas tegen de witte kalkrotsen. De paarse kogels vallen al van grote afstand op samen met de witbloeiende Silene. Deze bolvormige planten zijn erg mooi. We kijken er rond en zoeken een plekje voor de nacht. Het is inmiddels 19.30 uur als we besluiten om bij de Armeense kerk te overnachten. We hebben er 3 jaar geleden ook gestaan. Het ligt bij een klein dorpje met een ruime parkeerplaats en schitterend uitzicht. We worden welkom geheten door 2 mannen en verder met rust gelaten. De avondzon zorgt voor mooie koele kleuren en zet de kerk in een zacht oranje licht. De reliëfs aan de buitenkant komen met dit licht mooi tot hun recht. We informeren naar de feesten maar de mannen begrijpen niet wat we vragen. Wij zijn de enige bezoekers, morgen nemen we een kijkje in de kerk. We eten in de auto, maar met 20ºC is het op 1875m. niet koud. We zijn moe van de hele dag rijden en kruipen op tijd in bed.
22 Juni.03
We staan om 7.30 uur uitgeslapen uit. Het heeft vannacht wat geregend maar als we opstaan staat de zon aan een strakblauwe hemel. We ontbijten in de zon met uitzicht op de bergen en Qhara kelisa, de Armeense kerk. Het is een van de meest bijzondere Christelijke monumenten in Iran. Qhara kelisa betekent ‘zwarte kerk’. De kerk moet nodig een opknapbeurt hebben, door de vele aardbevingen heeft de kerk veel geleden. Aan de buitenkant zijn reliëfs van Christelijke heiligen, engelen, Jonas en de walvis en de levensboom afgebeeld. Het kruis staat op de kerk en binnen in de kerk is een altaar. We worden door de kinderen aardig met rust gelaten. Een enkeling durft in de buurt te komen en vraagt om poel, wat betekent geld. Als het meisje merkt dat we hier niet van gediend zijn vertrekt ze. We vertrekken tegen 12.30 uur weer. De temperatuur is inmiddels opgelopen naar 28ºC en de zon is erg fel. We rijden de weg door de bergen terug. Er zijn grote kuddes op de kale bergweides. Door de regen is de weg op veel plaatsen overspoeld met modder. We stoppen onderweg regelmatig om de vele verschillende bloeiende planten te fotograferen. Op de rotsachtige gedeeltes groeien verschillende soorten Acantholimons, Astragalussen, Campanulas en een groot aantal onbekende planten. Het is nu de tijd om alles in bloei te zien en als je goed kijkt zie je overal plantjes bloeien. We stoppen bij een afgelegen plek om er te douchen in de zon. Als we water willen tanken bij een bron langs de weg zien we dat het water niet helder is en niet schoon genoeg om de tanken te vullen. Ik heb sinds gister last van buikkramp en diaree en Klaas is ook nog niet helemaal oké! Ik wijd het aan het ijs en het drinkwater bij Anzali. Normaal eten we nooit geen schepijs of softijs omdat het risico op besmetting te groot is. We dalen schoon en fris verder af en vinden een pad naar de rivier. Er zijn diepe poelen waar Lex zich heerlijk in laat glijden. Hij gaat met zijn kop onderwater en geniet van deze luxe. Het is inmiddels knap warm geworden, 35ºC en er komt een zwarte lucht vanuit de bergen onze kant op. We horen onweer in de verte maar wij brengen het er met wat spetters regen af. Onze auto is vanaf de weg nog net te zien en dat heeft tot gevolg dat er regelmatig een auto het pad op komt hobbelen. De mensen zijn vreselijk nieuwsgierig, ze rijden zowat over de tuinstoelen heen en kijken in de pannen wat we eten! We zouden het erg fijn vinden om met rust gelaten te worden, maar dat zal niet lukken. Iedereen wil met ons praten en kijken wat we doen. Na het eten besluiten we een ander plekje te zoeken waar we misschien rustig kunnen staan. Het is 18.30 uur en de zon brandt op de voorruit, de temperatuur is nog altijd 35ºC als we afdalen naar de vlakte. De weg naar Maku gaat door een droog en saai landschap. We willen voor Maku een plek zoeken om te overnachten en morgen ochtend naar de grens van Turkije rijden. We zien de hoogste berg van Turkije, de Ararat al in de verte. Als we na verschillende pogingen de kans op een plekje hebben opgegeven vinden we via een pad een rustige plek bij een steile rotsrichel met een diepe kloof waar het water een diep gat in het gesteente heeft geslepen, als een grot. De waterval is niet meer dan een klein waterstroompje bij de grot en de rivier is opgedroogd. Rotszwaluwen, Alpenkraaien en scharrelaars hebben hier hun nesten. We kunnen in de schaduw van de steile rotsrichel staan en hebben volop ruimte om ons heen. Er groeien verschillende Campanula soorten, Draba’s, Sedumsoorten en steenbreekvarentjes. We zijn opgelucht en drinken te vreden koffie met zicht op de kloof. Klaas maakt een wandeling naar de kloof met het gat in de rotsen. Hij vangt water op in een emmer. Voor het donker komt hij terug met 2 emmers water en een haffel hout voor een kampvuur. Ik heb erg veel last van maag en darmen en verlies veel vocht. Het lijkt wel of we elkaar afwisselen! Lex heeft de afgelopen dagen veel last van teken, ik kijk hem iedere dag na en vindt er altijd een groot aantal. Vanavond heb ik er 14 gevonden. Hij heeft er al die tijd geen gehad. Het koelt later in de avond gelukkig wat af en er komt wat wind die voor wat verkoeling zorgt.
23 Juni.03
We hebben ongestoord kunnen slapen met de zijdeur open. Er was flink wat wind en halverwege moest de zijdeur dicht wilden we niet het bed uit waaien. We ontbijten in de zon en vertrekken via de ringweg terug naar Maku om er nog wat levensmiddelen in te slaan voor we de grens over gaan naar Turkije. Het is 24ºC, zon en er staat veel wind. De Koerdische vrouwen dragen fluwelen jurken met lange vesten erover in prachtige kleuren groen, blauw en paars of geel. Om hun hoofd dragen ze een brede band in een van deze kleuren en dragen grote gouden oorhangers. We gooien de tank nog eens vol voor een ongelooflijk bedrag van anderhalve Euro! De brandstof zal nergens zo goedkoop zijn als hier, het zal wel weer erg tegen vallen als we in Turkije moeten tanken. De brandstof in Turkije is er flink aan de prijs! In Maku doen we boodschappen. Het stadje ligt in een bergkloof gebouwd en het is er relaxt en de mensen zijn er vriendelijk en behulpzaam. Zowel 3 jaar geleden als op de heenreis in Januari doen we Maku aan. Er is vrijwel alles te koop waaronder veel smokkelwaar uit Turkije. Ik koop rijst, koffie, vlees, groente, fruit en gebak. Bij Bazargan, aan de Iraanse grens stuiten we op de eerste beambte. Hij begint direct al moeilijk te doen en wil de paspoorten meenemen. Klaas eist de passen eerst terug en weigert ze mee te geven, je weet nooit of je ze wel terug krijgt! Er rijd een beambte mee naar een vervallen kantoor waar iemand achter een computer zit. Er werd om het carnet voor de auto gevraagd. We rijden weer terug waar de ambtenaar een stempel op een stuk papier zet. Hierna mogen we verder naar de volgende loketten waar ons de nodige afwikkelingen wachten. Papiertje hier, stempel daar, etc… We zien geen andere reizigers aan de grens .Als er eindelijk iemand het hek open maakt om ons door te laten zijn we aan de Turkse kant waar we ook heel wat loketten af moeten. Het is er wel een stuk verbeterd. Er is een heel nieuwe grenspost gebouwd waar alle kantoren gevestigd zijn. De volgorde van de procedure is nog altijd onduidelijk en een gezoek naar de juiste personen. We moeten een verklaring tekenen dat we niet besmet zijn met de SARS ziekte. Ik word erop geattendeerd dat ik mantel en hoofddoek uit mag doen, dit is Turkije! Ik wacht hiermee tot we over de grens zijn, er zijn zoveel mannen die naar me kijken! Er wordt moeilijk gedaan om Lex, er zou een dierenarts moeten komen. Dit is onzin omdat de papieren voor Lex nog geldig zijn en we wachten af. We zouden de ambtenaar kunnen afkopen door hem 20.000.000 Lira te geven volgens een man die Klaas wegwijs maakt langs alle kantoren. We vertrouwen hem niet en weigeren hem dit geld te geven. Er volgt een woordenwisseling als Klaas zelf het bedrag aan de ambtenaar wil gaan geven. Hij eist nog eens een zelfde bedrag voor de hulp die hij Klaas geboden heeft. Hij bedondert ons en we geven hem 20.000 Lira. Het verhaal over Lex zuigt hij uit zijn duim en we rijden hierna aan. De man blijft het proberen en roept ons na. Het is wel goed, het geld groeit ons ook niet op de rug. De volgende controles verlopen vlotter en als we echt alles hebben gehad smijt ik hoofddoek en mantel uit en laat m’n haren vrij. Het is even vreemd om de wind weer door je haren te voelen en uit de auto te stappen zonder mantel. De Ararat steekt met zijn 5137m. hoge besneeuwde top boven de wolken uit. Het is 29ºC als we Dogubayazit passeren. We laten Ishak Pasa voor wat het is en besluiten naar het Van meer te rijden. Het paleis hebben we al meerdere keren bezocht. Het Van meer is lange tijd te gevaarlijk geweest omdat de Koerdische bevolking lange tijd heeft gestreden voor een onafhankelijk Koerdistan. Het is daarom al heel wat jaren geleden dat we hier zijn geweest. We stoppen onderweg om te picknicken aan de rivier met zicht op de steile top van de vukaan Tendurek met sneeuw bedekt en de lavavelden in het dal. We rijden via een 2550m. hoge pas en er valt wat regen! De temperatuur is hier een stuk koeler. De weg naar het Van meer gaat via Caldiran, een door aardbevingen getroffen stad waar vele ooievaars hun nesten op de ingestorte huizen bouwen. Er liggen moerasweides met Orchisvelden en vele veldbloemen en er zijn soda bronnen. Verder door liggen dorpen in de zwarte basalt kegel ingebouwd en de huizen versmelten met het landschap. De delta van Bendimahi aan het Vanmeer is rijk aan vogels. Witte pelikanen, kraanvogels, ooievaars en Armeense meeuwen. We zien de Bendimahikloof en de duivelsbrug. Via een hangbrug over de rivier kun je naar een terras van een theehuis. Hier heb je mooi zicht op de naar beneden stortende waterval. Het vormt een indrukwekkend natuurschouwspel. We vinden via een pad een mooie overnachtingplek aan het Van meer. Er is een bron met wat bomen en een akkertje. Klaas en Lex nemen een duik in het soda meer en genieten van deze luxe. We zitten buiten tot we naar bed gaan.
24 Juni.03
We slapen tot 8.15 uur aan het Van meer met zicht op het eilandje Yaka en de Suphan vulkaan van 4434m. Vandaag willen we het rustig aan doen en blijven tot de avond staan. Er is een bron bij een groepje populieren waar ik de was kan spoelen. Ik was in het Van meer, het water heeft zo’n hoog gehalte aan natriumcarbonaat dat er zonder zeep in gewassen kan worden. Er staat een stevige wind en het is fris. Het meer ligt in Oost Anatolië en heeft een landklimaat, hoewel de Zwarte zee en het Middellandse Zee klimaat sterke invloed heeft. Het Oosten wordt gekenmerkt door zeer hoge bergketens met diep ingesneden dalen. Daartussen liggen bekkens (‘ova’) die dikwijls met meren zijn gevuld. Het grootste en bekendste is het gesloten bekken van het Van meer. Het is 3.700 vierkante kilometer groot en ligt op 1650m hoogte. De Taurus en het Pontisch gebergte komen hier samen en een lava massa heeft het meer afgesloten. Bij een uitbarsting van de vulkaan Nemrut werd het Van meer in tweeën gesplitst en de afvoer naar de Bitliskloof afgesloten. De lavadam bij Tatvan moet zich meer dan 100.000 jaar geleden hebben gevormd. Aan de andere kant wordt het meer door talrijke rivieren van water voorzien. De zwevende deeltjes en opgeloste zouten die mee voeren hebben de laatste 100.000 jaar een soda meer doen ontstaan. In het meer leeft één enkele vissoort, de inheemse Van meer-Alver. Deze vis is erg talrijk en trekt in voorjaar en zomer uit het soda houdende water weg om in deBendimahi rivier en beken(zoetwater!) kuit te schieten in de stroomversnellingen en watervallen. Hier worden ze met uiterst eenvoudige middelen gevangen. Een beekdal bereikt het Van meer aan de Zuidelijke rand bij Tatvan. Het is met dichte struiken begroeid en richting Hizan wordt het dal breder met prachtige meanders en weiden die in het voorjaar overstromen. Op de hellingen staan oude walnotenbomen. We genieten van de zon en de mooie omgeving. De was is snel droog in de wind en na het eten vertrekken we via het pad langs het meer. De kleuren in de late namiddag zijn helder en koel. De Koerdische kinderen in de dorpen zijn blond en zwaaien als we langs rijden. Het is 26ºC en nog altijd veel wind. We stoppen bij een eiland met losse gladde rotsen en kijken er wat rond. We ontdekken er kruizen in de steile rotsen. De rotsen zijn te steil en te glad om er heen te klimmen. Er zijn traptreden uitgeslepen in de rotsen, maar te veel verweerd om er op te lopen. Het kruis en de tekst in de rotsen zou kunnen duiden op een Armeens kerkje. De bekendste Armeense kerk bij het Van meer is Akdamar en ligt op het eilandje in het Van meer. We hebben deze kerk al eens bezocht en willen er zeker nog heen. We drinken koffie op een plateau boven het meer en genieten van het uitzicht van de vulkaan Suphan. We zien een stukje terug een mooie overnachtingplek aan het meer bij de zelfde soort rotsen en rijden er heen. Er zijn volop mogelijkheden om te staan en we hebben het voor het kiezen. Jammer van de koude wind! We kijken hoe de zon in het meer zakt en de lucht rood kleurt. Het is inmiddels tegen 22.00 uur en na een glas cola duiken we in bed. We moeten gauw naar Van om er wijn en bier te kopen.
25 Juni.03
Het was een heldere en koude ochtend met 14ºC. Vandaag rijden we het pad verder langs het Van meer in Zuidelijke richting naar de stad Van. Het is een schitterende route door kleine dorpjes met bomen en bronnen en mooie uitzichten over het Van meer. De mensen zijn aardig en vriendelijk en veel meer terughoudender dan in Iran. Er zijn veel mogelijkheden om aan het meer te staan en ongestoord te kunnen zwemmen. Voorbij het dorpje Sahgeldi ligt een lagune met bootjes en een moerasweide. We drinken onderweg koffie en nemen een douche in de zon. Er staat een frisse wind waardoor het niet al te warm aan voelt. We zien de uiterste landpunt al in de verte. Er staan splinternieuwe vakantie huizen die via het pad te bereiken zijn. We rijden het pad verder naar de uiterste landpunt en rijden over de smalle strook met aan beide zijden het Van meer. De hellingen staan vol korenbloemen en kleurt het landschap blauw. Het meer heeft een blauwe turkooizen kleur met aan de overkant het besneeuwde Ihtiyarsahap gebergte en aan de andere kant de Suphan vulkaan die ligt te schitteren in de zon, de kleuren zijn glashelder en koel. Op de rotsige punt groeien bomen en er ligt een eilandje met een Armeens kerkje. Het staat nergens beschreven en zijn zeer verrast. Jammer dat er geen bootje ligt om er ons naar toe te varen. We vinden een vlak stukje waar we kunnen staan in de schaduw van een boom en vlak aan het meer met uitzicht op het kerkje, de met sneeuw bedekte bergen en de vulkaan. Klaas en Lex kunnen het niet weerstaan en nemen een duik in het koude meer. De rest van de dag brengen we door met heerlijk in de zon lezen en wandelen en eten in het gras. We genieten van het mooie uitzicht en de rust die ons gegund wordt. Als de zon onder gaat wordt het snel fris en we maken een kampvuur en bellen naar huis. De lucht is helder en vol sterren.
26 Juni.03
We staan op onder een blauwe lucht en zon. Na het ontbijt vertrekken we om het pad langs het meer verder te rijden naar Van. We willen de stad Van bezoeken om er geld te wisselen en te internetten. Verder zijn hier weer echte supermarkten waar alles te koop is. We kunnen hier bier en wijn kopen! Via akkers en over begraasde hellingen gaat het pad door lemen dorpjes naar een vakantiecomplex. We komen voor Van weer op de weg uit. Kleine jongetjes lopen met kuddes over de hellingen. Ze hebben een plasticzak op hun rug gebonden die dient als rugzak. Ze sjouwen dagenlang alleen rond met de kudde en overnachten onder de blote hemel. In Van is het een drukte en bedrijvigheid. Het is nog vroeg en de supermarkt is nog gesloten. We hebben de Iraanse tijd aan gehouden en die is anderhalf uur later dan in Turkije. Terwijl ik in de auto wacht gaat Klaas naar het wisselkantoor en het internetcafé. Er wordt een glas thee gebracht terwijl ik in de auto het dagboek op de computer zet. Ook de Turken zijn vreselijk aardig en gastvrij. De temperatuur is 26ºC en de juiste tijd is 9.15 uur in plaats van 10.45 uur! Veel meisjes zijn Westers gekleed, zonder hoofddoek, in jeans en vrolijk gekleurde shirts. Ik voel me inmiddels een stuk beter op m’n gemak zonder al die kleren en hoofddoek. Hoewel de auto veel bekijks trekt wordt ik verder met rust gelaten. We doen inkopen bij een grote Migros en kopen alle luxe die we zo lang hebben gemist! Wijn, bier, chocoladepasta, volkorenbrood, olijven en speciale kaas uit Van. Dit is een sterke kaas met blaadjes van de Astragalus tragacantha en smaakt erg lekker met olijven en een glas wijn. Met al dit lekkers zoeken we een mooi plekje aan het Van meer om te genieten. Bij de ‘rots’ van Van is een opgraving en er zijn parken aangelegd waar je kunt zitten, maar er stormen direct oppassers op ons af die geld willen hebben en willen bepalen waar we kunnen staan. Daar houden wij helemaal niet van en zoeken langs de hoofdweg een mooi plekje boven het meer. Akdamar ligt met zijn eilandje te schitteren in de zon. Het water van het meer is hier op plekken wit, blauw en turkoois gekleurd. De kleuren lopen in elkaar over of er iemand met verf bezig is geweest! De aanlegsteiger in Akdamar is enkele honderden meters verplaats sinds we hier voor het laatst waren. Voor een redelijke prijs brengen de boten je naar het eiland om de Armeense kerk van het Heilige kruis te bezichtigen. Het heeft prachtige reliëfs aan de buitenkant en is zeer bijzonder van architectuur.De muurschilderingen in de kerk zijn in slechte staat maar de moeite waard. Een aardige Turk biedt ons aan om er te overnachten op de camping en thee te drinken. Hij spreekt wat woorden Nederlands en spreekt goed Engels en Duits. We slaan zijn aanbod af en willen een mooi plekje vinden aan het meer op een afgelegen punt. Via een dorpje vinden we een pad vlak langs het meer naar het meest afgelegen deel van het Van meer. Schitterend uitzicht en volop mogelijkheden om te staan. We brengen enkele uren door bij het meer en rijden het pad verder dat dan weer hoog boven het meer en dan weer vlak langs het meer slingert. In een schitterende baai zien we in de diepte een steil zijpad naar een groen plateau bij het meer. Als we het pad afdalen komen we bij een kiezelstrand, bomen en een snelstromende bron. Het water komt zo uit de grond en is ijskoud en helder. Het is een prachtige plek en besluiten er te blijven. Bij de bron komen veel vogels, vlinders en libellen drinken. Ik was kleren in het soda meer, er is volop zoetwater om te spoelen. We sprokkelen hout voor het kampvuur en eten met het zicht op het meer en zijn steile berghellingen. De kleine vliegjes zijn het enige vervelende aan deze plek! Ze steken niet maar zijn erg irritant. Als de zon achter de bergen zakt wordt het snel fris en de rest van de avond zitten we rond het vuur met een dikke trui en een glas wijn en bier, wat een luxe!
27 juni.03
We blijven tot 14.15 uur bij het Van meer om de auto vanbinnen schoon te maken en wat te rommelen en klussen. Hierna rijden we het pad verder langs het Van meer. We zien hoog op de groene bergen het Armeense kerkje Kamrak Vank. We rijden het zijpad in om zo hoog mogelijk te komen. Het pad is door regen diep uitgesleten en erg steil en smal. De rest moeten we lopend afleggen via een steile klim waarbij zowat je kuitspieren het begeven! Het uitzicht op het Van meer is spectaculair. Het fjorden landschap met moerassen, akkers, eikenbossen, bronnen, steile rotsen en zingende vogels ligt in de diepte. Het kerkje heeft veel geleden door aardbevingen en de bevolking die heeft geplunderd en geroofd. De reliëfs aan de buitenkant zijn allemaal gesloopt en de kerk wordt nu als koeienstal gebruikt! We dalen af en komen enkele mooie bronnen tegen. We vervolgen het pad langs het Van meer en drinken koffie langs het pad dat hoog boven het meer gaat. Er wordt weinig gebruik gemaakt van het pad en even later komen we er achter waarom! We komen uit bij het afgelegen dorp Gencler. Het pad eindigt bij een bron. Er liggen bootjes aan het meer en er zijn veel blonde kinderen. Tegen de steile bergwanden groeien Daphne, Dianthus(anjers) en Potentillas. We draaien om rijden het pad terug naar de overnachtingplek in de baai. Het is warm, weinig wind en er zijn veel vliegjes. De lucht gonst van deze irritante beestjes. Grote wolken zwermen rond en zodra je licht maakt zit je midden in zo’n wolk! We maken geen licht, wat erg onhandig is.
28 Juni.03
Het was een onrustige nacht. Er zaten veel kleine vliegjes in de auto die overal in en tussen kruipen. Ze kriebelen en pikken en houden me uit de slaap. Ik doe halverwege de nacht al m’n kleren aan zodat ik al dat gekriebel niet voel. Daarbij was het ook windstil waardoor het in de auto aardig warm bleef. We staan om 6.30 uur op en de zon staat al op de auto zodat het al snel warm wordt. Na het ontbijt vertrekken we naar de hoofdweg terug. We willen via Tatvan naar de vulkaan Nemrut. Om 8.00 uur zijn we al vertrokken en het is met 24ºC en de zon al warm. We komen op het pad een grote karavaan ezels tegen. Ze trekken allemaal een kar met daarop kinderen, moeders, oma’ en vaders. Het hele gezin heeft een weekend uitje van het dorp omhoog de bergen in. Iedereen zwaait en is blij met onze komst. We hebben het gevoel zeer welkom te zijn. Onderweg ook veel schildpadden die over het pad wandelen. Eenmaal op de hoofdweg zijn we niet ver van de Kuskuh Kiran pas 2234m. Er wordt hard gewerkt op de akkers en de steile hellingen. Er wordt met de hand gemaaid en het gras wordt opgerold en bij elkaar gebonden. Er hangt een zwoele geur van bloeiende wilgen in de lucht. De bermen en bergweides zijn paars, geel en roze gekleurd, het staat vol met bloeiende planten. Het is erg rustig op de weg, de brandstofprijzen zijn zo schreeuwend duur dat er niet veel mensen zijn die een auto kunnen betalen. We volgen de weg door een groen met bomen begroeid gebergte met op de hoger gelegen delen resten sneeuw. Overal komt water van de hellingen en veroorzaken watervallen en beekjes. We volgen de snelstromende rivier de Ada. Langs de weg zijn verschillende militaire check- points waar we zonder problemen voorbij kunnen. Er staan op verschillende plekken pantserwagens langs de weg alsof ze ieder moment een aanval verwachten! We proberen een pad om aan het meer te komen, maar komen in een kinderrijk dorp waar we door de vriendelijke bevolking worden begroet. Hun huizen zijn van leem en natuursteen en hebben ronde koepels. De vrouwen dragen dunne witte hoofddoeken met gekleurde kraaltjes langs de randen. We rijden de hoofdweg verder en komen weer vlak langs het Van meer. We stoppen in de schaduw van wat bomen om er te koffie drinken. Lex neemt een duik in het meer. Hij is inmiddels zo schoon geworden door het soda water. We halen wat brood in Tatvan en vertrekken naar de vulkaan Nemrut. We rijden eerst verkeerd en komen in een groeve uit. Het pad is vreselijk stoffig en we balen vreselijk als we weer terug moeten. Het pad dat we in ’89 en in ’90 hebben gereden gaat niet meer naar de berg Nemrut. Er ligt nu een smalle asfaltweg 6 km. verder naar de vulkaan We rijden omhoog naar 2450m. en hebben mooi uitzicht op Tatvan en het Van meer. De berg Nemrut is een vulkaan met een enorm kratermeer. Tijdens een uitbarsting werd de top van de berg weggeslingerd. Bij een tweede uitbarsting werden delen van de krater met vulkanisch gesteende opgevuld Het ander gedeelte heeft zich met water kunnen vullen waardoor er enkele meren konden ontstaan. Het hoogste punt van de kraterwanden ligt op 3030m. De laatste uitbarsting was in 1443. Het Nemrutkratermeer is de grootste van Turkije en een van grootste ter wereld en is een zuiver hooggebergtemeer met kristalhelder water. Het meer heeft de vorm van een halve maan en heeft geen enkele begroeiing. Er zijn nog twee nevenmeren waarvan er een warmwater bevat. Aan de randen liggen warme bronnen en kan het water 80ºC bereiken! Langs de kanten groeien bies, riet en andere waterplanten. Het ‘kleine meer’ is een smeltwaterbekken die sommige jaren uitdroogt. De Nemrut was vroeger bebost, nu is er alleen begroeiing op de ontoegankelijke steile randen van de krater en op de kleine eilanden laag struikgewas, populieren en berken. Door het vele kappen en beweiding zijn de oorspronkelijke bossen veranderd in een steppevegetatie bedekt met de vlinderbloemige Astragalus als dominante vertegenwoordiger. Daartussen komen talrijke grassen en schermbloemigen voor. Op de hoogste toppen groeien de jeneverbessoorten. De laag groeiende soort geeft in alpien gebied de boomgrens aan. Er zijn ongeveer 500 plantensoorten gevonden, waaronder verschillende orchideeënsoorten. De steile rotswanden boven het kratermeer zijn de broedplaats van de vale gieren samen met de steenarend en de arendbuizerd. We rijden het stoffige pad tot in de krater, langs de 2 nevenmeren tot aan de rand van het grote kratermeer. De kampeerplekken zijn in beslag genomen door restaurantjes en theehuizen. Het is er druk met weekend bezoekers en we zoeken een plekje bij het kratermeer via een slecht pad. Het pad stop voor het vulkanisch gesteente en blijft ver van het meer vandaan. We dalen af om een overnachtingplek te zoeken aan het Van meer.We vinden tenslotte de plek waar we in ’90 hebben overnacht aan het Van meer. We zien de zon ondergaan die de lucht in vuur zet . We eten laat en brengen de rest van de avond in de auto door, de temperatuur om 22.15 uur is 20,5ºC.
29 Juni.03
Vandaag zijn we
7 maanden onderweg en het is na ons gevoel erg snel gegaan. We zijn inmiddels
gewend aan het zwerven en vervelen ons geen moment. Nu we in Turkije zijn voelt
het een beetje als thuis komen! Onze dag begint om 6.30 uur, er is al een auto
geweest maar die is ook weer vertrokken. Het is weekend en iedereen trekt er
al vroeg op uit om de Zondag ergens aan het water en in de schaduw te kunnen
door brengen. We staan op een schiereilandje met lavarotsen en grasland iets
boven het Van meer. De kust is hier rotsig, maar er is een zwart lava strandje
tussen de rotsen. We hebben hier in ’90 ook gestaan. We ontbijten in de zon
met 20ºC. Als de zon wat sterker wordt nemen we een douche en bespreken onze
plannen voor vandaag. We vertrekken via de hoofdweg aan de Westkant van het
Van meer naar de Suphan vulkaan en willen bij het Aygir meer rondkijken. Het
meer ligt aan de voet van de Suphan. De temperatuur is inmiddels opgelopen naar
27ºC en de lucht is helder. Alleen boven de 4434m. hoge besneeuwde vulkaan hangen
wat witte wolken als rookpluimen boven de top. De route langs het meer is erg
mooi met schitterende witte stranden en groene moerassen voor Ahlat. Watervogels,
kikkers en de wildstromende Yeni kopru rivier. De weg is rustig met weinig verkeer.
We bezoeken in Ahlat de eeuwen oude Seljukische begraafplaats met grafstenen
uit 1500-1600 en 1700-1800. De tombes en graven hebben rechtopstaande grafstenen
van rood of grijs lava gesteente. De inscripties zijn zeer bijzonder met Kufic
letters. Het is een mooi en tevens bizar gezicht al die meters hoge grafstenen
in het landschap. We bezoeken de Ulu Kumbet, de grote tombe en de oude toren
met zicht op het Van meer en de Suphan vulkaan. We rijden verder langs het meer
door een moerasgebied met groene dichte rietkragen met zingende vogels. Voor
Adilcevaz gaat de weg omhoog door een rotsig gebied van wit gesteente. Tussen
de rotsen liggen witte droomstranden. Het water heeft er een groen blauwe kleur
en is werkelijk prachtig. We proberen via een steil pad naar beneden te komen,
maar helaas halverwege is het pad uitgespoeld! Tegen de steile witte rotsen
groeien enorme bloeiende planten met donker roze bloemen en blauwe bloemen.
Er zijn wel enkele terrasjes waar je wat kunt eten en drinken met een wonderschoon
uitzicht. We rijden door naar Adilcevaz, een leuk plaatsje aan de voet van de
Suphan vulkaan om er wat eten te kopen voor we naar het Aygir meer verder rijden.
De mensen zijn erg aardig en vriendelijk en er zijn volop winkeltjes en terrasjes.
Er is zelfs een goed onderhouden promenade waar je aan het meer kunt wandelen.
Het meer heeft hier de kleur van melk! Buiten de plaats zoeken we naar de afslag
die ons naar het meer moet brengen. Er zijn geen bordjes die ons helpen bij
het vinden van de goede weg. Het meer ligt aan de voet van de vulkaan tussen
kale bergen en het bevat schoon water waar door de bevolking volop gevist wordt.
Er is een soort camping plaats gemaakt met afdakjes waar je in de schaduw kunt
zitten aan het meer. Er liggen kleden en kussens zodat je kunt picknicken en
relaxen. Het is een schitterende plek die op Zondag druk wordt bezocht door
de bevolking. Ook hier is geen buitenlander te bekennen. Er zijn bossen rondom
het meer en kale kanten met stranden. De barbecue rookt en er wordt volop gegeten
en gevist. De campingbeheerder heeft een afdakje waar thee en vis te koop is.
Er wordt gezwommen en gespeeld, een echte zondag dus! We krijgen kip en fruit
aangeboden door een familie en worden uitgenodigd om de rest van de middag met
hun door te brengen. We eten en drinken gezamenlijk tot laat in de middag. Hun
aanbod om mee naar hun huis te gaan slaan we vriendelijk af. We willen graag
rustig bij het meer overnachten en wat op de computer werken. De kookplaat heeft
weer kuren! Hij wordt niet warm genoeg en rookt als een oude stoomboot! Gelukkig
hebben we ons gasstel, we zouden al vaak honger geleden hebben als we die niet
bij hadden gehad! In de avond zakt de temperatuur naar 19º en er staat een stevige
wind. Wonder boven wonder zijn er geen muggen. Als de beheerder ook is vertrokken
zijn we alleen met de kikkers. Het is laat voor we in bed kruipen, de lucht
is helder.
©Klaas Kamstra All rights reserved